Nieuws/Binnenland
992133671
Binnenland

Nederlanderschap van jihadisten afpakken lukt maar mondjesmaat

De afgelopen jaren zijn er ongeveer 300 mensen ‘met jihadistische intenties’ uitgereisd naar Syrië en Irak.

De afgelopen jaren zijn er ongeveer 300 mensen ‘met jihadistische intenties’ uitgereisd naar Syrië en Irak.

Den Haag - Het lukt de overheid maar mondjesmaat om bij jihadistische uitreizigers het Nederlanderschap af te pakken. Er zijn nog circa negentig Nederlanders die mogelijk in aanmerking komen voor intrekking van de nationaliteit, omdat ze naar Syrië of Irak zijn vertrokken met kwade bedoelingen, maar het kabinet verwacht desondanks dat het intrekken maar in ’enkele nieuwe gevallen’ gaat lukken.

De afgelopen jaren zijn er ongeveer 300 mensen ‘met jihadistische intenties’ uitgereisd naar Syrië en Irak.

De afgelopen jaren zijn er ongeveer 300 mensen ‘met jihadistische intenties’ uitgereisd naar Syrië en Irak.

Dat moeten minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) en staatssecretaris Broekers-Knol (Justitie en Veiligheid) in een Kamerbrief toegeven.

De Tweede Kamer had het kabinet gevraagd om nog eens goed te kijken naar de grote groep uitgereisde Nederlanders. Het parlement wilde dat hun zaken nog eens beoordeeld zouden worden om te zien of hun Nederlanderschap toch niet ingetrokken kan worden.

Stateloos

Uit het antwoord van het kabinet daarop blijkt dat de Kamerleden daar weinig van moeten verwachten. De afgelopen jaren zijn er ongeveer driehonderd mensen ’met jihadistische intenties’ uitgereisd naar Syrië en Irak, schrijven de bewindspersonen. Daarvan zijn er ongeveer zestig teruggekeerd en negentig gesneuveld in hun strijd. Van de overgebleven honderdvijftig Nederlanders die nog in het buitenland zijn, hebben er ongeveer honderd een dubbele nationaliteit. Het Nederlanderschap mag alleen ingetrokken worden bij die mensen met een dubbele nationaliteit, want mensen mogen niet stateloos worden.

De Kamer wil dat van die groep van honderd uitreizigers er zo veel mogelijk de Nederlandse nationaliteit verliezen. Zij worden dan ook direct ongewenst verklaard, zodat ze niet terug mogen keren. Behalve dan voor hun rechtszaak of straf.

Maar bij die groep van honderd is er tot nu toe maar in elf gevallen overgegaan tot het intrekken van het Nederlanderschap. En daar zullen niet veel gevallen bij komen.

„Er zijn verschillende redenen waarom het aantal intrekkingen van het Nederlanderschap, ook nadat alle dossiers nog een keer grondig zijn bestudeerd, beperkt blijft tot naar verwachting enkele nieuwe gevallen”, schrijven de bewindspersonen. Zo blijkt het lastig om voldoende informatie te vinden over wat iemand precies in het buitenland doet of heeft gedaan en dat is voor de bijbehorende juridische procedure wel nodig. Daarvoor is een uitgebreide onderbouwing vereist: „Informatie dat iemand zich bij een terroristische organisatie buiten Nederland heeft aangesloten, is op zichzelf niet voldoende om aan een intrekking van het Nederlanderschap ten grondslag te leggen. Naast de hiervoor al genoemde voorwaarden moet eveneens sprake zijn van een beschrijving van de feiten waaruit de aansluiting bij een terroristische organisatie blijkt en de feitelijke handelingen die de persoon voor of ten behoeve van de terroristische organisatie verricht.”

De overheid moet bovendien kunnen aantonen dat de beschuldigde de nagestreefde doelen van de terroristische organisatie ook echt onderschrijft. Wat het ook nog eens extra moeilijk maakt is dat de informatie die inlichtingendiensten over mensen verzamelen, lang niet altijd gebruikt kan worden in de juridische procedure: ’vanwege de noodzaak tot geheimhouding van bronnen en de veiligheid van personen’.