Nieuws/Binnenland
992237
Binnenland

Hugo Brandt Corstius verzamelde taal

Hugo Brandt Corstius was een letter- en woordkunstenaar en schreef vele boeken, columns en artikelen. Onder zijn eigen naam, maar vooral ook onder talloze pseudoniemen, zoals Battus, Piet Grijs, Raoul Chapkis, Stoker en Maaike Helder. Brandt Corstius stief vrijdag op 78-jarige leeftijd in Amsterdam.

De schrijver verzamelde taal. Alle woorden met een tegenstelling (horen, volledig) wilde hij hebben, of woorden met gelijke hoeveelheden van dezelfde letters (raar). En de Nederlandse palindromen, woorden of zinnen die van achteren naar voren kunnen worden gelezen, had hij compleet. Zoals: U, ongure teef, neem een fee terug nou. In 2002 publiceerde hij als Battus zijn hoogtepunt van een leven lang tellen van taal: Opperlans! Taal- en letterkunde, de herziene versie van de oorspronkelijke uitgave uit 1981. In 2007 voegde hij er nog het Opperlans woordenboek aan toe.

Proefschrift

Zijn tweezijdige belangstelling werd al duidelijk bij de studies die Brandt Corstius volgde: wiskunde en algemene taalwetenschap. De computer hoorde daar als vanzelf bij: Brandt Corstius schreef een proefschrift over computertaalkunde, in Rotterdam was hij hoogleraar automatische informatieverwerking en in 1978 verscheen zijn boek Computer-taalkunde. Hij schreef het onder eigen naam en dat was voor Brandt Corstius tamelijk uitzonderlijk.

Vanaf het begin van de jaren 60 publiceerde hij in vele kranten en tijdschriften onder een legio pseudoniemen. In 1970 begon hij al met zijn schuilnamen te spelen, toen hij Grijsboek, of de nagelaten bekentenissen van Raoul Chapkis schreef. Piet Grijs was de schuilnaam die hij gebruikte voor zijn columns in Vrij Nederland en de Volkskrant.

Rel om prijs

Gevreesd was hij om zijn scherpe opstelling in geruchtmakende kwesties. Brandt Corstius kon hard van leer trekken tegen de rechtse kabinetten van die tijd. In 1985 ontstond een rel toen minister Elco Brinkman van Cultuur weigerde hem de P.C. Hooftprijs uit te reiken omdat de schrijver 'kwetsen tot instrument' zou hebben gemaakt. Hij kreeg de prijs alsnog in 1988.

In 1993 verschenen bundels van Piet Grijs, Maaike Helder, Talisman en Battus, waarvan omslagen naast elkaar gelegd een spinnenweb vormden. Brandt Corstius gaf hier nog eens mee aan dat al zijn schuilnamen toch echt bij hemzelf hoorden. „Elk pseudoniem vertegenwoordigt een deel van mijn persoonlijkheid. Ik schrijf onder die naam uitsluitend namens dat facet van mijn karakter.”

Brandt Corstius had een vrouw en drie kinderen uit een vorig huwelijk, van wie Aaf en Jelle bekend zijn als respectievelijk columniste en en programmamaker.