998837
Nieuws

Tweede Wereldoorlog in 100 voorwerpen

Meeleven met oorlogsobjecten

Nederland telt tientallen oorlogs- en verzetsmusea. Maar nog nooit bundelden zij al hun krachten voor een grote overzichtsexpositie die een totaalbeeld geeft van de periode 1940-1945. Tot nu: koning Willem-Alexander opende gisteren in de Kunsthal in Rotterdam De Tweede Wereldoorlog in 100 voorwerpen. "We willen de oorlog invoelbaar maken voor de nieuwe generaties."

Een truitje van hondenhaar, gedragen in de Hongerwinter. Een gasvrije kinderwagen van prinses Beatrix. De wisselbeker van de Elfstedentocht, die ondanks de oorlog toch werd verreden. Het brilletje van verzetsheldin Hannie Schaft. De laarzen van de sadistische commandant van Kamp Amersfoort. Een biels van de Birmaspoorllijn. Een Zeeuwse klederdracht die een Twentse tiener hielp een razzia te ontvluchten. En het topstuk van de tentoonstelling: de knikkers van Anne Frank.

 

Dit is een kleine greep uit de objecten die te vinden zijn in de Kunsthal in Rotterdam. De Tweede Wereldoorlog in 100 voorwerpen is de eerste grote overzichtstentoonstelling waarvoor alle grote oorlogsmusea in Nederland pronkstukken ter beschikking hebben gesteld. Samensteller Ad van Liempt, als gastcurator uitgenodigd door het Nationaal Comité 4 en 5 mei, en bij het grote publiek vooral bekend als voormalig eindredacteur van het programma Andere tijden, reisde een jaar lang alle depots af om de meest markante en opvallende zaken bij elkaar te zoeken.

 

"Ik wilde met deze tentoonstelling een totaalbeeld geven van wat deze oorlog voor Nederland heeft betekend", legt Van Liempt daags voor de opening uit. "Alle aspecten komen aan bod: van het verzet tot het verraad, van de schaarste tot de deportaties. Maar ook alle gebieden van Nederland en alle oorlogsjaren moesten vertegenwoordigd zijn. Het is best een hoop gepuzzel geweest." In een flinke toelichting naast de voorwerpen wordt uit de doeken gedaan waarom voor deze stoel (van NSB-leider Mussert) of Britse tank (waarmee in Brabant is gevochten) is gekozen. Wie meer wil weten, kan terecht op de website van de expositie die uitgebreid doorlinkt naar de musea waar de objecten normaal te zien zijn.

 

Van Liempt wil met de bijzondere tentoonstelling de oorlog vooral invoelbaar maken. "We hopen dat bezoekers zich kunnen voorstellen hoe het toentertijd was om als Nederlander in bezet gebied te leven." Het is een heel eigentijdse expositie, vindt de samensteller. "We kijken nu heel anders naar de oorlog dan pakweg vijftig jaar geleden, veel minder vooringenomen. Het was allemaal niet zo zwart-wit als we tientallen jaren hebben gedacht. Tegenwoordig geven we bijvoorbeeld ook collaborateurs een podium om hun verhaal te doen. Dat was in de jaren zestig en zeventig nog ondenkbaar." Een van de huiveringwekkendste objecten in de verzameling vindt hij zelf de grote zwarte vlag die in Groningen op de gevel van het regionale martelcentrum van de SS hing. "Toen ik hem voor de eerste keer uitvouwde, liepen de rillingen over mijn lijf. Je voelt gewoon wat voor gruwelijke praktijken zich achter deze vlag hebben voltrokken."

Kippenvel

De gastconservator heeft trouwens ook vijf voorwerpen gevonden door het publiek op te roepen zelf bijzondere herinneringen en parafernalia te delen. Dit leverde onder meer een kano op waarmee verzetshelden naar Engeland zijn gevaren, en een bestekset die een Amsterdamse Jodenjager na de oorlog nog lange tijd heeft gebruikt. "Zijn dochter hoorde na zijn dood dat zij haar hele jeugd van dat gestolen bestek heeft gegeten", vertelt Van Liempt. Ze heeft het nu geschonken aan herinneringscentrum Kamp Westerbork. "Op het eerste gezicht is het een gewone bestekcassette. Maar het enorme verhaal dat erachter schuilgaat, is bijna niet te bevatten. Ik krijg elke keer kippenvel als ik ernaar kijk."

 

Ad van Liempt hoopt dat zijn expositie ook vooral jongeren naar Rotterdam trekt. "De generatie die de oorlog daadwerkelijk heeft meegemaakt, is over twintig jaar uitgestorven", legt hij (zelf trouwens geboren na de oorlog) uit. "Dan blijven alleen de verhalen nog over. Die moeten door de nieuwe generatie worden doorverteld aan hun kinderen en kleinkinderen." De gastcurator merkt dat de jeugd van tegenwoordig dat soort verhalen ook heel graag wil horen. "Onderschat de interesse niet die scholieren hebben in die periode. Het is, en blijft vermoedelijk nog lang, het meest aansprekende onderwerp uit onze vaderlandse geschiedenis.

www.kunsthal.nl