1407822
Partnercontent
Deze inhoud valt buiten de verantwoordelijkheid van de hoofdredactie van De Telegraaf.
Get into the FUTURE
Gesponsord
TMG is founding partner en exclusieve mediapartner van SingularityU The Netherlands, omdat we het gedachtegoed van SingularityU NL omarmen. SingularityU NL is de autoriteit op het gebied van technologieën die onze maatschappij in rap tempo veranderen. Kunstmatige intelligentie, blockchain, nano- en gentechnologie, 3D-printing, neuroscience: technologieën die exponentieel groeien en sectoren als zorg, financiën, voedsel, wonen en energie in toenemende mate beïnvloeden. De Financiële Telegraaf brengt samen met SingularityU NL een crossmediaal concept: Get Into The FUTURE.

’Robots geven onze menselijkheid terug’

Binnen de Singularity-wereld geldt David Roberts als een goeroe. Hij is één van de topexperts op gebied van disruptieve innovatie en exponentieel groeiende technologie. Een man die vanwege zijn visie de covers van de Wall Street Journal, Fortune Magazine, The New York Times, Business Week en tientallen andere kranten en magazines sierde. Zijn passie is om de levens van miljarden mensen te transformeren door innovaties die tot disruptie leiden.

Wanneer je dan op ‘audiëntie’ mag bij deze grootheid, verwacht je een gesprek dat al gauw boven je pet gaat. Maar Roberts, die wanneer je je ogen ietsjes samenknijpt verbazend veel weg heeft van Barack Obama, houdt het vandaag simpel. Expres. Om de verslaggever de gelegenheid te geven zijn ‘Yes, We Can (and even more than you think)-boodschap’ zo breed mogelijk uit te dragen.

De eerste disruptie: ijs vanuit New England naar de Caraïben

Ooit gehoord van Frederic Tudor alias ‘Bostons IJskoning’? Hij maakte in de vroege 19e eeuw zijn fortuin door natuurijs uit New England naar havens in de Caraïben, Europa en zelfs India te vervoeren per schip. En volgens Roberts is hij een van de eerste voorbeelden van een ‘disruptor’. Een term die nu wint aan populariteit, omdat veel nieuwe, opkomende startups en technologieën hele markten ontwrichten (denk: Nokia en smartphones, na Apple’s lancering van de iPhone), maar destijds nog volledig onbekend was.

Ook bij Tudor overigens, die door zijn tijdgenoten – toen nog vooral geïnteresseerd in de lucratieve specerijenhandel - aanvankelijk werd weggezet als een halve gare en zéker niet als een concurrent. Dat laatste bleek hij wel degelijk. De specerijenhandelaren maakten namen een kardinale fout: ze vergaten wat ze nu precies verkochten. “De vraag naar specerijen was namelijk zo groot vanwege de mythe dat peper, kaneel, nootmuskaat, foelie, kruidnagel en gember voedsel konden conserveren. Dat doen ze niet, in plaats daarvan maskeren ze enkel de smaak van rotte producten. IJs daarentegen conserveert wél, wat Tudor ineens de belangrijkste concurrent van de specerijhandel maakte. Tot hij op zijn beurt ook werd ‘ge-disrupt’. En wel door een machine die kunstmatig ijs kon maken…”

De val van Nokia

Roberts wil maar zeggen: veel met name gevestigde bedrijven vergeten in welke business ze nu werkelijk zitten. “Denk aan de mobiele telefoon. Dat waren ooit enorme apparaten die alleen de rijken konden betalen. Maar ze werden kleiner, kleiner, kleiner; totdat ineens de smartphone op de markt kwam. Geen uitvinding van de telefoonindustrie, maar van de computerindustrie die eveneens evolueerde – van mainframes, naar desktops, laptops, mobiel internet en toen dus de smartphone. Het gevolg: een grote speler als Nokia kelderde in slechts een paar jaar van een omzet van 100 miljard naar 7 miljard. Concurreren met een Apple of Samsung ging niet meer. Daarvoor was het inmiddels te laat.”

Roberts’ les is duidelijk: wie blijft doen wat hij deed, wordt op den duur ingehaald door de exponentieel groeiende technologie en/of disruptieve innovaties. Iets wat overigens niet hetzelfde is, zegt hij. “Innovatie is bestaande dingen beter doen, wat grote bedrijven goed kunnen. Disruptie is iets uitvinden wat oude dingen niet meer nodig maakt. Iets wat grote bedrijven soms doen, maar niet vaak, omdat het een deel van henzelf vernietigt. En omdat zij het niet doen en vaak zelfs niet proberen, gaan entrepreneurs en startups ermee aan de haal.”

Disruptors van de toekomst

“Neem de ijsmachines die Tudor destijds zijn monopolie kostten. Of liever: de huidige koelkasten waartoe ze geëvolueerd zijn. Welke disruptieve innovaties zouden deze uitvinding overbodig kunnen maken? Denk aan soja- en amandelmelk die je niet meer hoeft te koelen. Aan een soort magic markers waarmee je een stofje achterlaat op je groenten en fruit die de bacteriën opeten die je tomaat of appel opeten, waardoor deze langer houdbaar blijven. Aan 3D-printers die chocolade of pizzadeeg printen. Of aan drones die - exact op het moment dat jij wilt – een paar koele biertjes of een steak komen invliegen. Zou je dan nog een koelkast willen, of deze direct uit het stopcontact trekken en aan de straat zetten? Op sommige plekken gebeurt dit al.”

Innovaties en ambtenaren

Met Roberts praten over technologie is fascinerend. Maar fascinerend is vooral de wijze waarop hij bevangen raakte door technologie. Acht jaar oud besloot de kleine David een zwevende drone te bouwen die zijn jongere zusje de driehonderd meter van hun deur naar de schoolbushalte zou dragen. De belangrijkste energiebron: zijn moeders stofzuiger. Of het werkte? Ja, maar slechts ten dele; zijn zusje werd zo lang als het langste stroomdraad (zo’n honderd meter) naar voren geduwd waarna ze alsnog moest lopen. Hoewel hij vanaf dat moment in de ban van technologie is, zijn nog veel mensen angstig voor alle nieuwe mogelijkheden. “Neem drones. Veel mensen waren tegenstander van het idee van een vliegtuig zonder piloot. Ze vonden het onverantwoordelijk en zagen enkel de risico’s, niet de voordelen. En hoewel drones inmiddels gemeengoed zijn geworden, roepen pilootloze passagiersvliegtuigen nog altijd veel weerstand op.”

Een brein dat drie keer zo zwaar is

Roberts wijt die angst deels aan wat hij onze “aapachtige inborst” noemt. Want waar technologie ons spullen en macht geeft, lijken we ergens nog veel op onze voorouders. Alleen ons brein is drie keer zwaarder geworden. Als gevolg daarvan maken we niet altijd de beste beslissingen. Technologie maakt je bijvoorbeeld niet aardiger, bedachtzamer, creatiever of empathischer. Als mens zijn we daardoor geneigd te blijven doen wat we doen. Omdat we ons moeilijk kunnen realiseren dat we tot zoveel meer in staat zijn. Die potentie leren inzien, is de grootste uitdaging voor de toekomst.

Je ogen sluiten voor verandering werkt in ieder geval niet, vervolgt hij. “Technologie stop je niet. Je kunt het lokaliseren en in bepaalde landen via wetten een halt toeroepen. Maar technologie is als een ballon; je drukt op één plek de lucht weg, maar elders popt het vanzelf weer omhoog. In de VS hebben we die pijnlijke les geleerd toen we vijftien jaar geleden een aantal wetten uitvaardigden die de digitale biologie aan banden legden. Nu blijkt dat we daardoor ook vijftien jaar achterlopen, omdat China en Zuid-Korea ongehinderd verder konden experimenteren.”

Robots geven menselijkheid terug

“Een andere diepgewortelde angst die vernieuwing in de weg staat, is dat technologie leidt tot een disruptie van onze banen. En guess what, dat is ook zo. Een van de meest voorkomende beroepen in Amerika is vrachtwagenchauffeur. Maar nu is al duidelijk dat over twintig jaar geen trucker meer overblijft. Dan rijden er 24/7 overal zelfsturende trucks rond. De vraag is of dat erg is. Uit onderzoek blijkt dat de meeste mensen werken voor het geld. Als je ze niet meer betaalt, komen ze ook niet meer. Kortom, ze hebben een baan die ze niet per se leuk vinden. Je kunt dus ook op een andere manier naar technologie kijken. Bijvoorbeeld dat automatisering, robots en kunstmatige intelligentie ons juist zullen bevrijden van banen die ons toch al weinig voldoening geven. Niemand droomt er als kind van om de hele dag in een fabriek te werken.”

Wat we in plaats daarvan gaan doen? Nou ja, kies maar, is Roberts antwoord. “Technologie maakt producten niet alleen goedkoper; het maakt complexe zaken ook simpeler. Over tien jaar kun je met je smartphone naar Afrika afreizen om dokter te zijn. En dan ben je ook nog eens een betere arts dan de man of vrouw die jou nu behandelt. Je kunt dan de baan van je dromen hebben, zonder daar eerst voor gestudeerd te hebben. Robots halen onze menselijkheid niet weg, ze geven ‘m juist aan ons terug, zodat wij de tijd hebben om te zingen, dansen, muziek te maken of met onze kinderen te spelen. De dingen die je als mens écht gelukkig maken.”

Onderwijs moet anders

“Die vrijheid hebben we straks, omdat de kosten van levensonderhoud ook drastisch zullen dalen. Voedsel, water, transport, gezondheidszorg; alles wordt goedkoper. Je hoeft dus niet meer zo hard te werken om al die dingen te bekostigen. Misschien moeilijk te bevatten. Maar de mensen die zich tweehonderd jaar terug het schompes werkten, konden ook niet bevroeden dat wij ‘maar’ acht uur per dag hoeven te werken en betaalde vakanties hebben.”

Op de enorme ommezwaai die komen gaat, moet je mensen echter wel voorbereiden. Zo moet het onderwijs volgens Roberts radicaal anders. “We leiden al honderd jaar op dezelfde manier op. Wanneer moest je ooit de omtrek van een cirkel berekenen? Vrijwel nooit toch? En als je het eens moet, zoek je het wel op. Kinderen feitjes en formules leren, heeft geen nut meer wanneer al die kennis er al is. In plaats daarvan moet je jongeren opleiden naar wat hen succesvol maakt. Leer ze eerlijkheid, doorzettingsvermogen, vindingrijkheid. Maar vooral: laat ze hun ware potentie inzien – en die is oneindig.”

De toekomst is nu

Roberts: “Wat veel overheden, bedrijven en individuen maar niet lijken te begrijpen, is hoe ingrijpend ons leven zal veranderen. Ze verwachten dat het grotendeels hetzelfde zal zijn als wat ze al kennen. Maar de veranderingen die er de komende twintig jaar aankomen, zullen die van de afgelopen honderd jaar doen verbleken. En de veranderingen van de afgelopen eeuw deden die van de duizend jaar daarvoor al in het niet vallen.”

“De afgelopen twintig jaar heeft de technologie ons internet en de smartphone gegeven. Maar de komende twintig jaar krijgen we wel vijf, tien of nog eens dubbel zoveel veranderingen voor onze kiezen. Mensen die nu al moeite hebben om zich aan te passen, zullen het er niet gemakkelijker op krijgen. Ben je er klaar voor dat je smartphone slimmer is dan jij? Dat je beste vriend straks een robot is? Of dat machines - je auto bijvoorbeeld - meer geld verdienen dan jij? Dit is waar de wereld heen gaat. Maar probeer je dat maar eens voor te stellen met je three-pound monkey brain.”

Honderden jaren oud

“Nog een bizar gegeven: dat de mens honderden jaren oud zal worden. Ray Kurzweil, een van de oprichters van SU wiens voorspellingen 86% accuraat zijn, heeft voorspeld dat de mens vanaf 2045 elk jaar een jaar langer zal leven. Inmiddels heeft hij die voorspelling bijgesteld tot 2029 – over dertien jaar dus al. En omdat er zelfs exponentiële groei in exponentiële groei zit, zouden kinderen die nu geboren worden zomaar heel oud kunnen worden. Niet 100 of 150 jaar, maar zelfs honderden jaren. Eén ding is zo goed als zeker: de eerste persoon die 200 wordt, is waarschijnlijk slechts tien jaar ouder dan de eerste persoon die duizend jaar wordt.”

Begrijp dat aanpassen moet

Belangrijk voor nu is in ieder geval dat mensen begrijpen dat deze veranderingen eraan komen, zegt Roberts. Want hoe sneller ze dat begrijpen, hoe gemakkelijker het wordt je aan te passen. “Elon Musk, baas van Tesla, snapt het. Maar verwar hem niet voor iemand die in de auto-industrie zit. Zijn corebusiness is de exponentiële groei van zonnesensoren. Vandaar dat hij onlangs is gestart met de verkoop van dakpannen waarin zonnecellen zijn verwerkt. Musk begrijpt dat alles elektrisch wordt.”

“Dertig jaar geleden was zonne-energie tweehonderd keer zo duur als vandaag de dag. Maar op den duur zal het zo goedkoop worden dat – alleen al vanwege de kosten - niemand nog fossiele brandstoffen zal gebruiken. De elektrische auto leidt daarmee tot een disruptie van de huidige auto-industrie. Evenals de auto dat was voor de paard en wagen. Een rare gedachte vinden we nu. Net zoals toekomstige generaties het raar zullen vinden dat wij nog koelkasten hadden, zelf onze auto bestuurden of gemiddeld slechts 80 jaar oud werden.”

Meer inspiratie opdoen over exponentiële groei? Bezoek dan de site van SingularityU.