2071840
Partnercontent
Deze inhoud valt buiten de verantwoordelijkheid van de hoofdredactie van De Telegraaf.
Beleggingsspecial
Gesponsord

‘Wij zijn niet van die avonturiers’

Dr. Ir. Mark de Bruijne (43), hoofd Beleggingen bij Ambassador Vermogensbeheer, windt er geen doekjes om: “Veel bedrijven worden slecht geleid. Managers zitten er vaak met verkeerde motieven. De focus is teveel gericht op de eigen baan, de eigen toekomst en de bonus. Binnen een goed geleid bedrijf moeten de belangen van de aandeelhouders en het management parallel lopen.”

De Bruijne is een warm voorstander van value-beleggen, investeren door te beleggen in bedrijven met een tastbare waarde en een sterke onderwaardering op de beurs. “Groei is geen doel, waardegroei wel.” Dat is een van de redenen dat De Bruijne erg is gecharmeerd van familiebedrijven: daar is immers eigen geld in geïnvesteerd. Volgens hem een goede motivatie om ‘de boel op te jutten’. Hetzelfde geldt voor bedrijven waarin het management geld heeft gestoken, zodat er sprake is van betrokkenheid; commitment. “Het management moet goed met de centen omgaan,” zegt hij droogjes.

De Bruijne is er de man niet naar om met beleggen meer risico te nemen dan strikt noodzakelijk. “De aandelenmarkt is een markt van vraag en aanbod,” zegt hij. “Er zijn veel partijen die proberen jou met mooie verhalen en grote verwachtingen aandelen aan te smeren, maar het is onverstandig om de waarde van aandelen te bepalen op vooruitzichten. Ik betaal niet graag voor verwachtingen. Als die niet uitkomen, word je als aandeelhouder dubbel gepakt.”

Katalysator

Als belegger en researcher kijkt Mark naar de fundamenten van een bedrijf, naar de waardering, hoe het is gefinancierd, de cijfers over een langere termijn, hoe het bedrijf ervoor staat en wat het werkelijk waard is. “Ik ben minder geïnteresseerd in fraaie toekomstperspectieven en technische analyses. Als value-belegger zoek ik naar bedrijven die ondergewaardeerd zijn ten opzichte van de waarde van het bedrijf.”

Hij vervolgt: “Daarnaast is het belangrijk dat een onderneming solvabel – betaalkrachtig – is, een historie heeft van waardecreatie en dat er dividend wordt uitgekeerd. Bovendien zoek ik naar een katalysator die op termijn de onderwaardering kan opheffen. Denk aan een nieuw management, de mogelijke verkoop van een slecht presterend bedrijfsonderdeel of de koers moet kunnen stijgen doordat er een beschermingsconstructie vervalt. Met andere woorden: een diskwalificatie moet een kwalificatie worden.”

Het zogenaamde value-beleggen, de beleggingsstrategie van Ambassador Vermogensbeheer, gebeurt zowel in aandelen als in bedrijfsobligaties en is bij uitstek geschikt voor beleggers met wat meer geduld, die de risico’s beperkt willen houden. Het is zeker niet iets van de laatste tijd, want de Amerikaan Benjamin Graham werkte rond 1930 al volgens deze methode en niemand minder dan superbelegger Warren Buffett brengt het value-beleggen met veel succes in de praktijk.

Eigenwijs

“Het heeft alles te maken met werkelijke waarde,” zegt Mark de Bruijne. “Ik ben een voorstander van degelijk beleggen en heb het niet zo op de zogenaamde ‘glamour-aandelen’, waarbij je heel veel betaalt voor hoopvolle verwachtingen. Dan maar wat minder sexy.” Bij de samenstelling van de beleggingsportefeuilles heeft De Bruijne een voorkeur voor individuele aandelen en komt op basis van eigen analyse tot conclusies. Jaarverslagen worden doorgespit, er wordt research gepleegd op bedrijfsniveau en er wordt een swot-analyse (Strengths, Weaknesses, Opportunities en Threats) gemaakt.

“Veel mensen volgen de kudde en komen niet verder dan modelportefeuilles en index-beleggen,” zegt De Bruijne. “Bij Ambassador Vermogensbeheer plegen we onze eigen research en volgen onze eigen koers. Wij werken volledig onafhankelijk. Dus ja: je zou ons best een beetje eigenwijs kunnen noemen. Maar wij zitten dieper in de markt en kunnen risicofactoren goed inschatten. Wij zijn niet van die avonturiers, maar gaan liever wat conservatiever te werk.” Het bedrijf is voorstander van bedrijven die het Angelsaksische model hanteren: de aandeelhouder staat op plaats één, twee en drie. “Met landen waar de focus op vakbonden, werknemers en stakingen ligt, zoals bijvoorbeeld veel het geval is in Frankrijk – kijk maar naar Air France! – ben ik wat voorzichtiger.”

De Bruijne ziet in ieder geval drie belangrijke ontwikkelingen die kansen voor beleggers creëren: “De rente gaat geleidelijk omhoog, dus banken en verzekeraars worden interessant. We worden niet alleen ouder, maar ook welvarender, dus de gezondheidszorg biedt kansen en dat geldt ook voor technologische innovatie – we kunnen niet zonder. Als je goed kijkt naar de wereld om je heen, dan kun je al veel beleggingsvraagstukken oplossen. Gemiddeld behalen wij met value-beleggen hogere rendementen met een lager risico door de veiligheidsmarge. Liever solide rendementen en dividend dan grote koersuitslagen. Je slaapt er ook beter door!”