Sport/Schaatsen
1142519217
Schaatsen

WK sprint: Schaatsers in achtervolging na twee afstanden

Jutta Leerdam

Jutta Leerdam

HAMAR - Miho Takagi heeft bij de WK sprint in Hamar ook de eerste 1000 meter op haar naam geschreven. De Japanse schaatsster zegevierde in een baanrecord van 1.13,75. Eerder had de nummer 2 van het WK vorig jaar de 500 meter gewonnen met een tijd van 37,51. Door haar dubbele zege begint Takagi met een flinke voorsprong aan de tweede WK-dag.

Jutta Leerdam

Jutta Leerdam

Jutta Leerdam eindigde op haar favoriete afstand als tweede. De nieuwe wereldkampioene op de 1000 meter gaf na een rommelige rit 0,78 seconde toe op de ontketende Takagi. Jorien ter Mors reed de derde tijd (1.14,59) en Letitia de Jong eindigde als vierde: 1.14,85.

Het Nederlandse trio steeg door deze goede tijden in het klassement na twee afstanden. Op de 500 meter was het drietal buiten de top-10 beland. Ter Mors staat vijfde (op 1,13 van Takagi), Leerdam zesde (op 1,19) en De Jong zevende (1,22).

Royale marge

Takagi heeft voor de tweede 500 meter op zaterdag een royale marge van 0,87 seconde op haar landgenote Nao Kodaira opgebouwd. De titelverdedigster kwam op de 1000 meter niet verder dan de achtste tijd (1.15,44). De Russin Olga Fatkoelina staat derde in de tussenstand, op 0,91 van Takagi.

Miho Takagi

Miho Takagi

De 30-jarige Ter Mors, twaalfde op de 500 meter (38,22), was dik tevreden met haar eerste WK-dag. „Ik reed weer een beetje als vanouds, ik had eindelijk weer power in mijn benen. Dat gevoel heb ik het hele seizoen gemist”, sprak de wereldkampioene sprint van 2018 voldaan. „Er zit weer groei in, ik kan uit de bochten ook weer versnellen. Als ik zaterdag nog wat beter van start ga op de 500 meter, kan ik misschien nog een paar plaatsen opschuiven naar het podium.”

Leerdam (21) was minder te spreken over haar optreden in Hamar. „De 500 meter ging niet echt goed, vooral in de opening liet ik heel veel liggen en dat maak je dan daarna in het rondje niet meer goed”, zei ze over haar veertiende tijd (38,30, met een opening van 10,89). „Ik stond daarna meteen flink op achterstand. Op de 1000 meter heb ik me daarna goed herpakt, denk ik. Het was best moeilijk om binnen een uur weer helemaal scherp aan de start te staan als je op de 500 meter niet goed hebt gereden. Met de tweede tijd op de 1000 meter mag ik echter zeker niet klagen. Hopelijk kan ik zaterdag nog wat sneller, zeker op de 500 meter.”