Sport/Wielrennen
1373784138
Wielrennen

Tourwinnaar Tadej Pogacar legt zélf uit hoe hij te kloppen is: ’Niet zo ingewikkeld’

Tadej Pogacar won dit jaar voor de tweede keer de Tour de France

Tadej Pogacar won dit jaar voor de tweede keer de Tour de France

Tadej Pogacar (23) is normaal gesproken geen man van veel woorden. Maar in gesprek met Geraint Thomas liet de Sloveense tweevoudig Tourwinnaar toch wat in zijn kaarten kijken.

Tadej Pogacar won dit jaar voor de tweede keer de Tour de France

Tadej Pogacar won dit jaar voor de tweede keer de Tour de France

Pogacar won dit jaar naast de Tour ook onder anderen Tirreno-Adriatico, Luik-Bastenaken-Luik en de Ronde van Lombardije. Het maakt van de renner van UAE Team Emirates de beste van dit seizoen, althans volgens de UCI-ranglijst. Menig wielerfan weet dat Pogacar intussen erg moeilijk te verslaan is, zeker in een grote ronde. Maar Jonas Vingegaard bewees in de voorbije Tour op de Ventoux dat ook Pogacar te lossen valt bergop.

Al denkt de Deen van Jumbo-Visma dat zijn grote concurrent geen zwakheden heeft. „Het lijkt wel alsof hij nooit slechte benen heeft”, aldus Vingegaard. „Maar ik hoop dat we hem kunnen verslaan. De Tour is de belangrijkste koers van het jaar, dus het zou ongelooflijk zijn als we die konden winnen. Zeker nu de start in Denemarken is. Ik zie echter geen zwakke punten bij Tadej. Hij lijkt alles goed te kunnen, dus ik zie geen zwakheden. We moeten er gewoon elke dag staan.”

Lange beklimmingen

Pogacar reageert hier opvallend genoeg zelf op en onthult tegenover ex-Tourwinnaar Thomas waarop hij te pakken is. „Ze moeten niet bang zijn van mij”, aldus de Sloveen. „Echt niet. Dat is punt één. Waarom? Nou, omdat ik eigenlijk nogal snel kan kraken. Ik trap goede wattages op niet zo lange beklimmingen. Maar als die wat langer worden, dan gaat het minder bij mij. Net zoals wanneer er geklommen moet worden naar grote hoogtes. Dat hebben ze al wel door, denk ik.”

Hij vervolgt: „Als het gebeurt dat ik een minder sterk team tot mijn beschikking heb, dan is een lange aanval moeilijker te controleren. Als een team, zoals Ineos bijvoorbeeld, al vroeg agressief gaat koersen… Zij kunnen verschillende dingen proberen met hun kopmannen. Er zijn dus wel wat zaken die mij kunnen doen kraken. Het is eigenlijk niet zo ingewikkeld.”