Sport/Schaatsen
1391161201
Schaatsen

Roest: ’Je kan nu nog niet zeggen dat ik de koning ben’

Patrick Roest (m.) tussen Sven Kramer en Denis Yuskov.

Patrick Roest (m.) tussen Sven Kramer en Denis Yuskov.

HEERENVEEN - Geheel in de stijl van zijn vriendelijke en bescheiden karakter begon Patrick Roest na zijn gewonnen Europese titel op de 5000 meter met een verontschuldiging.

Patrick Roest (m.) tussen Sven Kramer en Denis Yuskov.

Patrick Roest (m.) tussen Sven Kramer en Denis Yuskov.

„Sorry dat ik aan de late kant ben”, zei de 24-jarige schaatser in de catacomben van Thialf. „Ik ben niet zo snel vandaag”, vervolgde hij met een veelbetekenende glimlach.

Roest nam na de prijsuitreiking eerst uitgebreid de tijd om met tientallen fans in de Friese schaatshal op de foto te gaan. „Of ik de nieuwe koning van de 5000 meter ben? Dat kun je nu na de EK afstanden nog niet zeggen. Na de WK afstanden, volgende maand in Salt Lake City, kan ik die vraag misschien wel beantwoorden.”

Baanrecord

Feit is dat Roest dit seizoen op de 5000 meter zowel nationaal als internationaal nog ongeslagen is. Met een baanrecord van 6.08,92 verwees hij ploeggenoot Sven Kramer, die jarenlang op de 5000 meter de dienst uitmaakte, evenals bij de recente NK naar de tweede plaats. „Maar zoals Sven nu weer rijdt, blijft hij voor mij heel gevaarlijk”, besefte de tweevoudig wereldkampioen allround.

Roest raakte ruim een jaar geleden zijn baanrecord in Thialf op de 5000 meter kwijt aan de Rus Danila Semerikov. „Dat ik het baanrecord nu weer terug in bezit heb, is een bonus. De Europese titel was mijn doel hier. Maar de grootste prijs blijft natuurlijk de wereldtitel in Salt Lake City. Daar ga ik vol voor.”

Gemengde gevoelens

Kramer hield gemengde gevoelens over aan zijn tweede plek. „Ik ben niet tevreden met mijn rit, maar wel met mijn tijd”, zei hij. „Het is de tweede keer in twee weken dat ik 6.10 rijd in Thialf. Vroeger was dat een winnende tijd. Maar ja, nu heb je Patrick Roest en dat is soms best wel frustrerend. Het is echter ook een beetje mijn eigen schuld”, doelde Kramer lachend op de informele opleiding die hij zijn bijna tien jaar jongere ploeggenoot in de afgelopen seizoenen heeft gegeven.

De Friese grootmeester, die altijd maar moet afwachten of zijn kwetsbare rug al dan niet voor problemen zorgt, hield in Thialf de moed erin. „Acht weken geleden reed ik in Minsk nog bijna 20 seconden langzamer, dus er zit weer een stijgende lijn in. Nu maar hopen op een mooi slotakkoord van het seizoen.”