Sport/Autosport
1477146259
Autosport

Bendsneyder teleurgesteld: ’Ik word er moe van’

Bo Bendsneyder

Bo Bendsneyder

Bo Bendsneyder heeft een topresultaat zondag bij de TT in Assen uit zijn hoofd gezet. Het zal al een hele klus worden bij de beste vijftien te eindigen in de Moto2 en daarmee in de punten voor het WK te rijden.

Bo Bendsneyder

Bo Bendsneyder

ASSEN

„Ik ga in de warming-up nog iets proberen aan de afstelling. Van de top 10 ga ik maar even niet meer uit; dat beetje extra zit er nu niet in helaas. Maar als de eerste ronde goed verloopt, zijn punten wel degelijk mogelijk”, klonk het hoopvol na een moeizame kwalificatie, waarin Bendsneyder niet verder kwam dan de 24e plaats.

De Rotterdammer was vol goede moed naar Assen gekomen voor zijn thuisrace. Hij voelde zich in vorm en rijden voor eigen publiek geeft altijd extra energie. Maar de vrolijke stemming in het Grand Prix-team van de Drentse zakenman Roelof Waninge sloeg al gauw om toen bleek dat er totaal geen snelheid in de motor zat. Bendsneyder kreeg maar geen gevoel met de machine en reed in de trainingen rondetijden die veel te langzaam waren.

’’We snapten er niets van. Het was een grote puzzel en soms leken we het passende stukje te hebben gevonden, maar dan bleek dat toch weer niet zo. Het was constant blijven zoeken naar de juiste afstelling.”

De hele vrijdag ging verloren aan dat speuren naar de oplossing voor het probleem, vertelde Bendsneyder. Het zoeken begon aan de achterkant van de motor, maar bleek toch meer aan de voorkant te zitten. ’’We hebben uiteindelijk wel een stap gemaakt, maar die kwam eigenlijk te laat en daardoor was het niet te zien in de tijden. De snelheid is nu redelijk. In de race moet ik vooral zorgen dat ik constante rondetijden rijd. Er staan wat jongens voor mij die wel goed één rondje hard kunnen rijden, maar dat niet 23 ronden volhouden. Daar moet ik dan het verschil maken.”

Al met al lijkt de TT van Assen bij voorbaat al een zware tegenvaller. ’’Ik word er moe van, niet moedeloos. Ik weet dat je in de racerij nooit moet opgeven. Alles is nog mogelijk en als ik in de warming-up nog wat kan vinden om de motor sneller te maken, kan er toch nog iets moois uit komen.”