Nieuws/Sport

Lorenzo pakt na eerste zege ook eerste pole bij Ducati

Jorge Lorenzo

Jorge Lorenzo

AFP

Nadat Jorge Lorenzo in de vorige MotoGP-race in Mugello zijn eerste overwinning bij het Ducati-fabrieksteam behaalde, pakte de 31-jarige Spanjaard in de kwalificatie voor de Grand Prix van Spanje zijn eerste pole in Italiaanse dienst.

Jorge Lorenzo

Jorge Lorenzo

AFP

Het was ook de eerste pole voor Ducati in dit seizoen. Vlak achter hem eindigde Honda-coureur en regerend wereldkampioen Marc Marquez als tweede, maar de marge op het circuit van Barcelona was met Lorenzo minimaal: 66/1000ste van een seconde.

Op de voorste startrij nestelde zich ook Lorenzo's huidige teamgenoot Andrea Dovizioso die Lorenzo's toekomstige teammaat Marquez flankeert. Voor de pole-winnaar was het zijn eerste keer sinds 2016 (Valencia met Yamaha) dat hij van de beste startpositie mag beginnen. Vlak voor het einde van Q2 was het nog temperamentvol zijn pitbox ingelopen. Na afloop was hij afgekoeld en blij. "De achterband die ik er om had liggen werkte totaal niet. Ik had totaal geen grip. Met de andere band ging het zo goed dat ik naar de pole kon rijden", zei Lorenzo die grote lol met Marquez had tijdens de fotosessie met de drie 'frontrunners'.

Marquez had twee lastige trainingsdagen achter de rug. Doordat hij op vrijdag tweemaal was gecrasht en geen goede tijd had neergezet, werd hij gedwongen aan de eerste kwalificatiesessie Q1 deel te nemen. Voordat hij daarin met ruim verschil naar Q2 doorging, bleef hij in de vierde vrije training FP4 op spectaculaire wijze op de been toen zijn voorwiel wegschoof. Met zijn rechterknie op het warme asfalt (47 gr C) hield hij de motorfiets rechtop en in bedwang. Het leverde hem niet alleen veel publiciteit op maar ook een beschadigd racepak. Datzelfde gold ook voor de gecrashte Cal Crutchlow.

Uitslag: 1. Lorenzo (Spa) Ducati 1.38,680 (gem. 168,8 km/u), 2. Marquez (Spa) Honda op 0,066, 3. Dovizioso (Ita) Ducati 0,243, 4. Viñales (Spa) Yamaha 0,465, 5. Iannone (Ita) Suzuki 0,468, 6. Petrucci (Ita) Pramac Ducati 0,498, 7. Rossi (Ita) Yamaha 0,586, 8. Zarco (Fra) Yamaha Tech3 0,651, 9. Rabat (Spa) Avintia Ducati 0,824, 10. Crutchlow (GBr) LCR Honda 0,876, 11. Pedrosa (Spa) Honda 1,015, 12. Nakagami (Jap) LCR Honda.