Sport/Tennis
2788870
Tennis

Eltingh: ’Die luxe hebben we in ons tennis niet’

Jacco Eltingh

Jacco Eltingh

AMSTERDAM - Het professionele tennis begint steeds meer te lijken op volleybal en basketbal. Tenminste, als het gaat om de lengte van de absolute toppers. Tijdens de ATP Finals in Londen, het eindejaartoernooi met de besten van de wereld, zijn opvallend veel lange mannen van de partij.

Jacco Eltingh

Jacco Eltingh

Favoriet Novak Djokovic krijgt in zijn poule te maken met John Isner (2,08 m), Marin Cilic (1,98) en Alexander Zverev (1,98). „Ja, de topspelers zijn langer dan vroeger”, ziet ook Jacco Eltingh, voormalig prof en de huidige technisch directeur van de Nederlandse tennisbond (KNLTB). „Meer dan ooit kunnen lange spelers hun lengte combineren met goede bewegelijkheid. De lange spelers waren doorgaans trager en minder flexibel, maar tegenwoordig zijn zelfs sommige tennissers van boven de twee meter redelijk snel en wendbaar. Lange spelers zijn tegenwoordig gewoon beter getraind en daardoor succesvoller dan vroeger.”

Eltingh vervolgt: „Ik denk dat iemand als Richard Krajicek (1,96 m, red.) nog succesvoller was geweest, als hij in deze tijd had getennist. Dat had hij kunnen profiteren van de betere trainingsmethoden en betere medische begeleiding. Lange tennissers zijn vaak wel gevoeliger voor blessures omdat er grote krachten op hun gewrichten komen te staan.”

Uitgekiend trainen

De langste twee deelnemers aan de ATP Finals, Isner en Kevin Anderson, zijn niet alleen boven de twee meter maar ook ouder dan 30. Dat is volgens Eltingh niet toevallig: „Deze lange spelers hebben tijd nodig gehad om zich te ontwikkelen. Ze zijn niet van nature snel en handig, maar kunnen dat wel in zekere mate worden wanneer ze daar lang en uitgekiend op trainen.”

Lang zijn is dus een voordeel in het toptennis. Richt Eltingh in het opleidingstraject van de tennisbond ook het vizier op lange talenten? „Ja en nee”, zegt de topdubbelaar uit de vorige eeuw. „We hebben niet de luxe om op lengte te kunnen selecteren. We richten onze aandacht op iedereen die in enige mate potentie toont voor toptennis. We zien ook wel dat de trend is dat topspelers langer worden, maar er zijn altijd nog veel uitzonderingen. Die kunnen en willen we – letterlijk – niet over het hoofd zien.”