Sport/Autosport
3530356
Autosport

Wolff verwacht geen frictie tussen Bottas en Hamilton

Bottas en Hamilton feliciteren elkaar na weer een eerste en tweede plek.

Bottas en Hamilton feliciteren elkaar na weer een eerste en tweede plek.

Bij Mercedes zou het niet voor het eerst zijn dat twee coureurs van de Britse renstal het met elkaar aan de stok krijgen. Zo waren Lewis Hamilton en Nico Rosberg tussen 2013 en 2016 niet echt vrienden van elkaar. Teambaas Toto Wolff vindt de situatie van nu een beetje erop lijken.

Bottas en Hamilton feliciteren elkaar na weer een eerste en tweede plek.

Bottas en Hamilton feliciteren elkaar na weer een eerste en tweede plek.

Toch is hij niet bang dat hij ’gele en rode kaarten’ aan Hamilton en Valtteri Bottas moet gaan uitdelen om een herhaling te voorkomen. De Zilveren Pijlen overheersen de Formule 1 voorlopig in 2019. In alle vier gereden grand prixs van dit seizoen behaalde Mercedes een 1-2’tje. De Fin staat nu vlak boven de huidige wereldkampioen in het klassement.

In Baku reden de twee in de eerste drie bochten neus aan neus, maar trok Bottas uiteindelijk aan het langste eind. „Het deed mij inderdaad denken aan enkele jaren terug. Twee coureurs die bijna exclusief voor de wk-titel vechten. Het is aan ons, maar ook aan Hamilton en Bottas, om een vervelende situatie te voorkomen. Vettel en Leclerc zitten op het vinkentouw immers”, zegt Wolff tegen de officiële site van de Formule 1.

Leeuwen

De teambaas vervolgt: „Gelukkig hebben ze een goede relatie met elkaar. Daar ben ik blij om. Maar we moeten wel opletten dat die relatie niet gaat verslechteren. Ze hebben allebei de ambitie om wereldkampioen te worden. Wij willen zelf ook dat ze leeuwen in de wagens zijn, dus kunnen we ook niet het gedrag van een schaap verwachten. Maar het wederzijds respect moet wel aanwezig blijven.”

Wolff is van mening dat de relatie tussen twee coureurs geen effect mag hebben op de prestaties. „Mocht het zo ver komen als tussen Rosberg en Hamilton, gaan we gele en rode kaarten uitdelen. Maar daar zitten we nog ver van af.”