Sport/Autosport
830857371
Autosport

Red Bull plukt ervaren technisch directeur weg bij Mercedes

Ben Hodgkinson gaat zich onder meer bemoeien met het ontwikkelen van de Red Bull-motor.

Ben Hodgkinson gaat zich onder meer bemoeien met het ontwikkelen van de Red Bull-motor.

Red Bull Racing heeft een technisch directeur aangesteld voor het nieuwe motoren-project. Het Formule 1-team neemt de krachtbron van Honda na dit seizoen in eigen beheer en Ben Hodgkinson wordt de eindverantwoordelijke van het zogeheten Red Bull Powertrains.

Ben Hodgkinson gaat zich onder meer bemoeien met het ontwikkelen van de Red Bull-motor.

Ben Hodgkinson gaat zich onder meer bemoeien met het ontwikkelen van de Red Bull-motor.

Saillant detail is dat Hodgkinson sinds 2001 al werkt bij het motorenteam van concurrent Mercedes. Sinds september 2017 is hij in Brixworth Head of Mechanical Engineering. Hij zal in de nabije toekomst dus ’verhuizen’ naar Milton Keynes, waar de fabriek van Red Bull staat.

Als technisch directeur zal Hodgkinson leiding geven aan het team en zich bemoeien met het ontwikkelen van de Red Bull-motor, richting de invoering van de nieuwe motoren in de sport in 2025. Na de start van het seizoen 2022 wordt de ontwikkeling van de krachtbronnen in de Formule 1 ’bevroren’. Red Bull laat nu dus ook weten dat het een eigen motor wil ontwikkelen die vanaf 2025 gebruikt kan worden.

„Het was niet makkelijk om de beslissing te maken om Mercedes na bijna twintig jaar te verlaten, maar de kans om zo’n belangrijk project op me te nemen is een grote eer”, aldus Hodgkinson. „Red Bull is een serieuze speler in de Formule 1 en was onze grootste rivaal in het hybride tijdperk, dus ik kijk ernaar uit om te zien wat we samen kunnen bereiken in deze nieuwe fase binnen het bedrijf.”

Vanwege zijn contractsituatie duurt het nog nog wel even voordat Hodginson officieel in dienst kan treden bij Red Bull. Red Bull en Mercedes doen daar desgevraagd geen mededelingen over.

Luister ook naar de nieuwste Formule 1-podcast met oud-coureur Christijan Albers en Telegraafverslaggever Erik van Haren: