Nieuws/Vrij

Spijt

'Kerstmis in de zon fiasco'

Hollandse Hoogte

Daar zit ik dan aan de rand van het zwembad, mijn voeten bungelend in het water. De zon schijnt uitbundig, het is pakweg 25 graden. Achter me vanuit het hotel hoor ik flarden van Jingle bells. Kerstmis in de zon: dat wilde ik toch zo graag? Waarom voel ik me dan zo rusteloos?

Hollandse Hoogte

Elk jaar organiseren mijn schoonouders een etentje op eerste kerstdag. Iedereen verzorgt een deel van het menu: mijn schoonouders braden de rollade, mijn schoonzus neemt de salades mee en mijn man maakt het toetje. In het begin vond ik dat best gezellig. Niet opgeprikt in een restaurant, maar met familie bij elkaar in een ongedwongen sfeer.

Na verloop van jaren sloeg de verveling toe. Ik kon Kerstmis uittekenen. Mijn schoonmoeder die reddert in de keuken, alsmaar slaand met kastdeurtjes. Mijn schoonzus die steevast de dressing is vergeten. Mijn zwager die al teut wordt als hij naar een biertje kijkt. Oom Joop die met iedereen de-toestand-in-de-wereld wil doornemen maar zelf het hoogste woord voert. Tante Ria die met haar breiwerkje voor de televisie in slaap valt. Onze kinderen die, moe van het spelen, ’s avonds hangerig worden en de volgende dag niet zijn te genieten terwijl we dan nog naar mijn ouders moeten.

Dus toen mijn man een paar jaar geleden over de skivakantie begon, stelde ik voorzichtig voor om in plaats daarvan met kerst een week naar de zon te vliegen. Hij was meteen enthousiast: „Alles beter dan alweer oom Joop over politiek te moeten aanhoren!”

Ondanks dat mijn schoonmoeder niet blij was, boekten we een zonnig oord. Het was onwezenlijk om de koffer in te pakken met zwemkleding, strandjurkjes en zonnemelk, maar ik had er zin in. Bij aankomst was het precies zoals ik me had voorgesteld: zwembad, strandje, cocktails.

Maar in zo’n hotel zijn ze natuurlijk ook niet gek. Overal werd je aan de tijd van het jaar herinnerd: in de lobby stond een kanjer van een kerstboom en als muzak kwam het hele kerstrepertoire voorbij. Ze hadden zelfs een kerstman ingehuurd die de hele dag rondliep en aardigheidjes uitdeelde. Opeens besefte ik dat niet het familiediner me tegenstond, maar die opgelegde kerstsfeer. Tja, dan had ik in een hutje op de hei moeten gaan zitten.

Ik kon me niet goed vermaken. Ook onze kinderen die aanvankelijk tevreden zandkastelen bouwden en met luchtbedden stoeiden, werden ongedurig. Ze misten de kerstlichtjes, het kunstijsbaantje in de buurt, de kerstfilms op tv, zeiden ze.

Aan het kerstdiner – meloen, kip en ijs – praatten we over het weer in Nederland. „Daar wil je nu helemaal niet zijn, er ligt een meter sneeuw”, zei mijn man. Uiteraard een grapje, maar toen begonnen de kids te huilen: „Sneeuwballen!” „Schaatsen!” „Ik wil naar huis!” We hebben de laatste dagen nog een beetje weten te redden met leuke uitjes.

Wat had ik me in mijn hoofd gehaald? Nergens ontkom je aan Kerstmis. Voortaan maar weer braaf bij mijn schoonouders langs. Is het nou echt zo erg om de reactionaire denkbeelden van oom Joop aan te horen? Ik heb me erbij neergelegd. Het glunderende gezicht van mijn schoonmoeder is ook wat waard.

In deze rubriek vertellen lezers waarvan ze spijt hebben. Wilt u ook (anoniem) kwijt wat u anders zou hebben gedaan? Mail uw verhaal naar vrij@telegraaf.nl.

Bekijk meer van