Nieuws/Vrij

Column René Steenhorst

Twaalf peperdure injecties

Maandenlang stond er elke veertien dagen bij ons thuis een wijkverpleegkundige voor de deur. Nooit dezelfde, maar twaalf verschillende gezichten – een roosterkwestie. Wel telkens met dezelfde opdracht: bij de patiënt een injectienaald zetten, in de buik.

Ze kwamen voor mij, ik was die patiënt. Ik had kanker, het zat door mijn hele lichaam. De ziekte van Hodgkin, lymfeklierkanker, in een laat ontdekt, dus vergevorderd stadium. Maar de zestien chemokuren die ik in 2011 kreeg, deden hun werk. De ziekte verdween volledig.

Alleen werd mijn weerstand er flink door ondermijnd. Ik was erg verzwakt. Onder invloed van de chemokuren met een combinatie van vier krachtige cytostatica werden mijn witte bloedcellen compleet afgebroken. Witte bloedcellen of leukocyten zijn belangrijk bij de afweer tegen infecties. Die dreigden te ontstaan door mijn afgenomen immuniteit.

Daartoe had oncoloog Jan Baars, hij redde mijn leven, mij die injecties voorgeschreven. Om mijn immuunsysteem een boost te geven, anders gezegd: om mijn beenmerg aan te sporen bepaalde witte bloedcellen aan te maken.

De verpleegkundigen vertelden me, en bevestigden dat weer, dat het om werkelijk peperdure injecties ging. Vijftienhonderd euro per prik! En ik kreeg er maar liefst twaalf!

Oog hebbend voor vormgeving had ik me al zo verbaasd over de gestileerde, in hemelsblauw uitgevoerde injectiespuitjes. Zoveel fraaier en ranker dan de spuitjes die je in het ziekenhuis of bij de huisartsenpost ziet.

Bijna geneerde ik me voor de kosten van al die chemokuren en ’oppep’-injecties, met de werkzame stof pegfilgrastim. Als ik er thuis over begon, of tegenover mijn dokter, want ik zal zeker voor anderhalve ton aan ziektekosten hebben opgemaakt, was steevast het antwoord: ’Maak je niet druk. Je hebt er jarenlang hoge ziektekostenpremies voor betaald’. Mijn arts voegde daaraan toe: ’Je bent deze investering meer dan waard! De samenleving zal nog veel profijt van je schrijfwerk hebben.” Plezierig om te horen, maar toch…

Regelmatig doemt die gêne weer even op, want de kanker waarvan ik volledig (?) ben genezen, is geen dag uit mijn gedachten. Volgens de Rotterdamse onderzoekers Carin Uyl-de Groot en Bob Löwenberg van de Erasmus Universiteit betalen we voor vrijwel alle kankermedicijnen te veel. Verhalen van de geneesmiddelenindustrie over hoge ontwikkelingskosten van nieuwe middelen noemen zij ’grote onzin’.

De onderzoekers hielden de tarieven van enkele middelen tegen het licht, zoals Enzalutamide, een veel voorgeschreven middel tegen prostaatkanker: „Elf keer zo duur als nodig. Een behandeling kost 29.500 euro, terwijl 2587 euro billijk zou zijn.” Producenten zijn ’schimmig’ over de werkelijke kosten, stelt onderzoeker Uyl-de Groot. „Als die zo hoog liggen, laat het dan maar zien.”

Volledig mee eens. Niet ik, als (ex-)patiënt, zou zich voor die hoge behandelkosten moeten generen, maar de fabrikant.

Mail r.steenhorst@telegraaf.nl

Twitter @ReneSteenhorst

Bekijk meer van