Nieuws/Vrij

Ode aan typisch Hollandse keramiek als Delfts blauw en boerenbont

Van imitatie tot wereldmerk

Door de eeuwen heen weet Nederland een sterke positie in de keramiekbranche te handhaven.

Door de eeuwen heen weet Nederland een sterke positie in de keramiekbranche te handhaven.

PRINCESSEHOF LEEUWARDEN

Van Delfts blauw tot Maastrichts boerenbont en Haags eierschaalporselein. Nederland heeft al bijna vier eeuwen een naam hoog te houden als het om keramiek gaat. Grappig genoeg lag de oorsprong van dit internationale Nederlandse succes vrijwel altijd in het buitenland, zo toont de expositie Made in Holland: 400 jaar wereldmerk in het Keramiekmuseum Princessehof in Leeuwarden aan.

Door de eeuwen heen weet Nederland een sterke positie in de keramiekbranche te handhaven.

Door de eeuwen heen weet Nederland een sterke positie in de keramiekbranche te handhaven.

PRINCESSEHOF LEEUWARDEN

„Niet voor niets worden wij Nederlanders wel de Chinezen van Europa genoemd”, lacht conservator Karin Gaillard. „Want het begon vrijwel altijd met imiteren van buitenlandse aardewerktechnieken of stijlen. Zoals het 17e eeuwse Delfts blauw dat zijn oorsprong vindt in zowel het Italiaanse majolica, als het Chinese kraakporselein. Dit typische exportporselein werd door de VOC uit China naar Nederland gehaald. Eerst werd het vooral nagemaakt, maar al snel wisten de Delftse fabrieken dit type aardewerk zich zo eigen te maken en zo fijn te beschilderen, dat ’Delfts blauw’ een begrip werd tot ver over onze landsgrenzen.”

Op de tentoonstelling is te zien dat Delfts aardewerk op een goed moment niet was aan te slepen. Van Polen tot Engeland, iedereen liep ermee weg. „Het Engelse koningspaar William en Mary was er dol op, net als de rest van de Britse adel”, weet Gaillard. Ook tsaar Peter de Grote vond het prachtig. Hij kocht honderdduizenden tegels om zijn paleizen in St.-Petersburg van plint tot plafond te decoreren.

In Zuid-Europa viel ons blauw-witte exportproduct eveneens in de smaak. Vooral in Spanje en Portugal was men idolaat van onze handbeschilderde tegels. Een imposant tegeltableau, bestaande uit niet minder dan 585 tegels, die ooit een stadspaleis in Lissabon sierden, behoort nu tot de topstukken van deze fascinerende expositie. „In het Engels wordt gesproken van Delftware. Dat zegt genoeg over hoe groot het succes was. De merknaam is een soortnaam geworden.”

Twee eeuwen later wordt een vergelijkbaar huzarenstukje uitgevoerd door de Maastrichtse ondernemer Petrus Regout. Met hulp van Engelse ambachtslieden die hij speciaal liet overkomen, kopieerde hij het Britse creamware met drukdecors, bekend van het merk Wedgewood. Regout ontwikkelde uiteindelijk ook het bekende boerenbontservies, dat wij nu als typisch Nederlands beschouwen, maar in feite dus zijn oorsprong in Engeland heeft.

Dat ook het boerenbont uiteindelijk een wereldwijde hit werd, bewijzen de grote vitrines waarin exportkeramiek uit Maastricht staat opgesteld dat naar Indonesië, het Midden-Oosten en Japan werd uitgevoerd. „Regout, die rond 1867 meer dan 1400 mensen in dienst had, verkende slim de markt. Hij liet onderzoeken wat de consumenten elders wilden en leverde dat”, vertelt Gaillard. Zo ontstonden bijvoorbeeld boerenbontborden waarop de islamitische halve maan en de ster zijn afgebeeld.

„Op de wereldtentoonstelling van 1900 in Parijs stal het extreem dunne en elegante eierschaalporselein van Rozenburg de show. De Art Nouveau-stijl waarin deze Haagse fabrikant werkte, was natuurlijk afgekeken uit Frankrijk”, gaat Gaillard verder. „Onmiddellijk sprong de concurrentie er weer bovenop. Plateelbakkerij Zuid-Holland kwam met zijn Gouds Plateel dat behalve in eigen land, ook in ras tempo de Amerika veroverde.”

De grote expositie eindigt met hedendaags succes-keramiek van Hollandse bodem, dat wordt samengevat onder de noemer Dutch Design. „Hierbij gaat het niet om een speciale techniek of stijl, maar om een bepaalde houding. Dutch Design staat voor eenvoud, inventiviteit, onconventionele oplossingen en ontwerpen met een knipoog.” Maar de jonge ontwerpers hebben ook oog voor de eeuwenoude traditie, zoals de speelse bloempiramides van Studio Job, gemaakt in Makkum, bewijzen.

Made in Holland is onderdeel van Leeuwarden – Fryslân Culturele Hoofdstad van Europa en is nog tot en met 30 juni 2019 te zien.