Nieuws/Vrij

Felix met smaak

Oneindig rijk

Fonkelende diamanten in het gras. Ik herinner me een sprookje van Godfried Bomans over een naïeve bosbewoner die de mensen vertelde over zijn vele diamanten en parels die uiteindelijk dauw en druppels in de zon bleken te zijn. Voor straf werd hij opgehangen.

Wat was Bomans toch een fijne schrijver. Wat raar dat hij nauwelijks meer wordt gelezen.

Ik snap het trouwens niet helemaal. Het is acht uur in de ochtend en al erg warm en toch fonkelt mijn gras. En zijn mijn voeten nat. De mooiste diamanten probeer ik te ontwijken. Ze zullen straks vanzelf verdwijnen. Op de beurs gillen ze vaak na een crash dat er zoveel miljard is verdwenen. Hahaha, verdwenen, geld dat er sowieso nooit was. Maar wel even mooi om naar te kijken.

Ik was op weg naar de munt. In overvloed in mijn tuin aan de rand van de oever van de Kromme Rijn. Dan weer terug naar boven, naar mijn werktafel. Eerst een scheut lokale vlierbloesemsiroop in een kan. Dan koolzuurhoudend water uit de koelkast erover. De munt erin. De vierkante kan past precies in een rechtop gezet wijnkistje. Zo houd ik de zon eruit. En blijft de limonade een uurtje koel. Dat is genoeg.

Dan is-ie leeg en sjok ik weer naar de waterkant voor nieuwe munt. Klinkende munt, want het bruist wanneer ik mijn glas vol giet.

f.wlbrink@telegraaf.nl