Nieuws/Vrij

Hart & Ziel

De grens van Maarten

Hollandse Hoogte / Martijn de Jonge

Als de indrukwekkende zwemprestatie van olympiër Maarten van der Weijden ons één wijze les heeft opgeleverd, dan is het wel: ken je grenzen.

Hollandse Hoogte / Martijn de Jonge

Overschat jezelf niet. Reken jezelf niet rijk. Denk niet dat je in denken en handelen op eenzame hoogte staat – zóveel hoger dan anderen, zoveel beter dan menigeen. Erken je beperkingen.

Oftewel: in de benarde situatie van de zwemmer die nu hoe dan ook een heldenstatus heeft: ga niet door als je niet meer kunt, stop als je meent álles te hebben gegeven en zelfs je gezondheid wordt bedreigd. De grens van Maarten lag 37 kilometer vóór Leeuwarden, na een 55 uur durende watermarteling over 163 kilometer.

Nog niet eens halverwege zijn monsterzwemtocht langs de elf Friese steden kondigden zich al de eerste tekenen van conditiezwakte aan bij de mentaal ijzersterke Van der Weijden. ’Mijn lijden kent ergens wel een grens, waar ik vooraf dacht dat het grenzeloos was’, besefte hij ineens toen het grootste deel van de zwemmarathon nog voor de boeg lag. Toen al moet hij hebben geweten dat hij de eindstreep niet zou halen.

Op advies van zijn meevarende dokter, de Zwolse huisarts Marco Blanker, nam Maarten van der Weijden zondagmorgen onverwacht een rustpauze van enkele uren.

Slaapgebrek, de onmogelijkheid om bij te tanken, gecombineerd met toenemende spierpijnen en misselijkheid zouden zijn grootste vijanden worden tijdens de zwemeditie van de Tocht der Tochten.

Evenwel had Van der Weijden (1981) eerder in zijn leven een uiterste grens ervaren toen bij hem in 2001 acute lymfatische leukemie, een vorm van kanker van het bloed, werd vastgesteld. Maar hij ontsnapte aan zijn noodlot. Het geluk dat anderen niet kenden omdat hun grens het einde betekende.

,,Kanker krijgen is domme pech”, zei hij later in een tv-interview. ,,Ik heb dat destijds als zodanig geaccepteerd en dat was erg bevrijdend.”

„Ik heb kanker niet ’overwonnen’, want ik was bij uitstek de luie patiënt van de afdeling, ik deed de hele dag niets. Mijn ziekenhuismaatjes met wie ik daar lag, gingen fitnessen op hometrainers. Want we moesten ’vechten’ om fit te blijven voor de volgende chemokuur. Het lot zorgde ervoor dat ik nu als enige nog leef. Ik heb geluk gehad.”

Ik herken dat. Ook ik werd herhaaldelijk en goedbedoeld gefeliciteerd met mijn ’strijd’ tegen kanker. In 2011 werd bij mij de ziekte van Hodgkin vastgesteld. Lymfeklierkanker. Na een operatie, 16 chemokuren en veel verdriet en wanhoop ontsnapte ook ik aan de grens. Maarten en ik delen dat geluk. Maar vechten om in leven te kunnen blijven, kon ik niet. Die energie ontbrak.

De zwemgrens van ex-kankerpatiënt Maarten leverde bijzondere opmerkingen vanuit medische hoek op. De Drentse longarts Sander de Hosson merkte veelzeggend op: ,,In parallel met mijn werk: besluiten om niet door te gaan op een weg die te zwaar is of wordt, is minstens zo heldhaftig.”

Mail r.steenhorst@telegraaf.nl

Twitter @ReneSteenhorst