Nieuws/Vrij

Oertijd Museum Boxtel laat publiek meekijken bij reconstructie

Langnekdino puzzel van drie jaar

Beeld Werkt

Hoe prepareer je een honderdvijftig miljoen jaar oude dinosaurus? Vanaf woensdag kunnen bezoekers van het Oertijd Museum in Boxtel meekijken bij de preparatie van een Diplodocus van ruim twintig meter groot. „Het gaat ruim drie jaar duren.”

Beeld Werkt

Zo moet hij eruit komen te zien, wijst directeur René Fraaije naar de Diplodocus, een dinosaurus met een lange nek en een even lange staart van gips, in zijn museum. „Het is de bedoeling dat deze twintig meter grote dino van gips vervangen gaat worden voor de echte.”

Fraaije kwam de dinosaurus op het spoor via de Zwitserse archeoloog die hem begin jaren negentig gevonden heeft. „Hij vond het dier in de ’Bad Lands’, een deel van Wyoming in Amerika dat die naam gekregen heeft door de koude winters en hete zomers. Er liggen daar veel dinosaurussen begraven. Wat deze skelet zo bijzonder maakt, is dat hij voor zestig tot zeventig procent compleet is.” De Zwitserse archeoloog bewaarde het gevaarte al die jaren in zijn kelder.

Volgens Fraaije had ieder continent zijn eigen langnek en leefde de Diplodocus alleen in Noord-Amerika. „In die tijd had je nog geen gras, bloemen of loofbomen. De vegetarische Diplodocus at varens en de naalden van naaldbomen. Echter konden zijn tanden de naalden niet vermalen. Daarom at de Diplodocus ook kiezelstenen. Die door de bewegingen van het dier de naalden vermaalden.”

Yasmin Grooters, die mee gaat helpen bij het prepareren van het enorme beest, kan niet wachten tot ze kan beginnen. „Het is een hoop knutselwerk om een bot te impregneren, schoon te maken en de puzzelstukjes aan elkaar te lijmen. Soms ben ik met een enkel bot wel drie maanden bezig.”

Grooters is enthousiast over het plan om bezoekers mee te laten kijken met de werkzaamheden van de preparateurs. „De ramen van het lab zijn open, waardoor kinderen en andere bezoekers vragen kunnen stellen en wij kunnen laten zien hoe we aan zo’n oud bot werken.”

Aat Walen, die bij de opgraving van de Diplodocus in 1993 aanwezig was, kan zich de vindplaats van het enorme dier nog goed herinneren. „Het bijzondere aan de Bad Lands is dat er veel dinosaurussen gestorven zijn. Het gekke aan de plek van onze Diplodocus was dat er zeven, veelal verschillende soorten, dinosauriërs bij elkaar lagen. Ze waren tegen een gigantische boomstam aangespoeld waarna de botten zijn versteend.”

Aan Walen verder de taak om de dinosaurus te reconstrueren en de missende onderdelen te bouwen. Hij vergelijkt zijn werk wel met maken van een puzzel waarvan veel puzzelstukjes kwijt zijn. „Het is aan mij om de ontbrekende stukjes te maken.”

Bekijk meer van