2861512
Culinair

Column Felix met smaak

Ach gut, oh gut, hoe ’t stampte

Winterjan en Winterlouwtje werden naast elkaar geboren in van die karige verveendershuisjes in Kamperveen. Vele eeuwen geleden.

Ze waren voor elkaar gemaakt. Winterlouwtje groeide op tot een bekoorlijke deerne met rondingen waar alle Kamperveners in het voorbijgaan toch even naar moesten kijken. Met Winterlouwtje moesten ze wel een beetje oppassen, ze was pittig, tegen het zurige aan. Heel anders dan haar Winterjan.

Niets mis met die jongen, maar er zat ook geen echte pit in, beetje zoetig zou je haast zeggen. Ja, totdat hij de wijn ontdekte. Als je Winterjan aan de wijn zette, had je me daar toch een feestbeest! Dan greep-ie zijn Louwtje om het middel en dansten ze samen de vonken uit de vloer.

Tot een noodlottige dag: de Wildeman van Gieser kwam op het dorp. Hij en Winterjan aan de zuip. Tot ’t stampte! Ach gut, oh gut, hoe ’t stampte. De Wildeman is er uiteindelijk met Louwtje vandoor gegaan. Maar nog geen dorp verderop raakte hij haar alweer kwijt.

Het duurde jaren, vele jaren dat Winterjan en Winterlouwtje elkaar weer zagen. Op een proeverij van slow food, vorige week. De oeroude perenrassen Winterjan, Winterlouw en Kamperveen werden in de Ark van de Smaak opgenomen. Aan de vergetelheid ontrukt. Maar die Gieser Wildeman lekker niet! Had die maar niet zo naar moeten doen.

fwilbrink@telegraaf.nl