3025322
Vrij

Column Hart & Ziel

Sietse vraagt nogal wat...

Op uren dat u en ik gewoonlijk van de dag uitrusten of onze nachtrust nemen, vecht Sietse de Vries uit Zwaagwesteinde voor zijn leven. Sietse is nierpatiënt en vier avonden en nachten van acht uur per week is hij opgenomen in het Medisch Centrum Leeuwarden. Om er te worden gedialyseerd, 32 uren totaal.

Sympathieke Sietse ondergaat dat alles tamelijk gelaten. „Ik kan niet anders, er is geen andere keus”, zegt hij op de kalme toon met de prettige Friese tongval die zelfs de guurste winters aangenaam maakt.

Hoe hij zich in werkelijkheid voelt, zoals zoveel gedialyseerden, blijkt uit de slogan van de Nierstichting die hij gaarne aanhaalt: Dialyseren is geen leven, maar overleven.”

De archivaris Sociale Zaken op het gemeentehuis van de Friese gemeente Damwoude die hij door zijn nierfalen helaas nog maar vijftien uur per week kan zijn, heeft meer van dergelijke wijsheden onder handbereik.

Op zijn Facebookpagina, waar hij aandacht voor zijn nierfalen vraagt en tot nu toe tevergeefs om een donor roept, staat te lezen: ’Als je waagt, groeit je moed. Als je aarzelt, groeit je vrees.’

Hij knikt. „Ja, zo is het! Ik heb een nier nodig, het liefst van iemand met bloedgroep O. Dat is nog niet gelukt in de twee jaar dat ik nu aan de dialyse ben. Dialyse blijft een lapmiddel, maar ik ben er nog en beslist niet uitgestreden! Alhoewel, ik kan merken dat mijn conditie stukje bij beetje minder wordt en ik elke dag een beetje inlever. Mijn weerstand neemt af, er is toch enige haast geboden.”

Al zo’n 25 jaar geleden werd het toen nog geringe nierprobleem bij De Vries opgemerkt. Door een nefroloog die de uitslag van een bloedonderzoek voor een ander klein euvel onder ogen kreeg.

Sietse weet sindsdien: „Tussen mijn 50e en 55e zou ik forse problemen krijgen aan mijn beide nieren. Die dokter van toen had gelijk, ik ben nu 57 jaar. Mijn ’nierfiltertjes’ doen het amper nog, hooguit voor vijf tot zes procent.”

Intussen staat Sietse op de transplantatielijst van het UMC Groningen. Het kan zeker nog twee jaar duren voordat hij in aanmerking komt voor de nier van een overleden donor.

„Het zou natuurlijk beter zijn een nier van een levende donor te krijgen”, zegt hij. „Als iemand mij die zou willen geven – ik weet, ik vraag nogal wat – zou dat voor mij een wereld van verschil kunnen maken.”

„Niet alleen zou ik wellicht weer volledig aan het werk kunnen, maar misschien nog belangrijker: ik wil oud worden met de mensen om me heen, zij die me dierbaar zijn.”

Hij droomt ervan, in het ziekenhuis of thuis in De Westereen (de Friese naam voor Zwaagwesteinde), waar hij ’in de kost’ is bij een mevrouw die zich eigenlijk als mantelzorger over hem ontfermt.

Nog een spreuk: ’Een opgever wint nooit en een winnaar geeft nooit op’. Sietse de Vries blijft hopen.

Mail r.steenhorst@telegraaf.nl

Twitter @ReneSteenhorst

Bekijk ook:

#Dankjedokter