Vrij/Uitgaan

Waardig slot Lowlands met Mumford & Sons

Mumfords & Sons: een waardige afsluiter voor de 25e editie van Lowlands

Mumfords & Sons: een waardige afsluiter voor de 25e editie van Lowlands

Hollandse Hoogte/Harold Versteeg

Lowlands krijgt zondagavond wat een driedagenfeest als dit verdient: een joekel van een afsluiter. In en rondom de Alpha staat zo’n beetje iedereen die nog op de been is mee te zingen met de (folk)rockers.

Mumfords & Sons: een waardige afsluiter voor de 25e editie van Lowlands

Mumfords & Sons: een waardige afsluiter voor de 25e editie van Lowlands

Hollandse Hoogte/Harold Versteeg

Tof is dat Mumford & Sons al lang niet meer de band is die Lowlands ooit zo geweldig leerde kennen. Toen stonden ze nog een uur lang met vier op een rij en kwam er nauwelijks elektronica aan te pas. Inmiddels is de band wél op de versterkte toer, zoals vorig jaar nog te zien was in Ziggo Dome. In Biddinghuizen kreeg men zowel de oude als de nieuwe Mumford & Sons te zien.

Eigenlijk was het daarom vanaf het tweede nummer, Little lion man, al een gelopen zaak. Dit optreden kon niet meer stuk en dat gebeurde dan ook niet meer. Een akoestische, met blazers aangeklede Lover of the light, een op vol vermogen gespeeld Tomkins Square Park: Lowlands vond het allemaal even mooi en prachtig en kreeg van de Britten het toetje waar ze op hoopten na drie lange dagen.

Flume

Met Flume had Lowlands een optreden eerder op de Alpha één van de meest relevante producers van het moment gestrikt. Anders dan veel vergelijkbare artiesten treedt de Australiër niet op met cd-spelers en een mixer, maar tovert hij al het geluid uit een bescheiden verzameling instrumenten voor zijn neus. Future Bass is de meest gebruikte naam voor het genre dat hij speelt en zoals die naam al doet vermoeden spelen stevige bassen een belangrijke rol. Zelfs bij de bezoekers die zich buiten de Alpha hebben verzameld wapperden de broekspijpen door alle lage frequenties.

Het tempo van zijn muziek is laag en door de steeds aanzwellende bas kwam het soms wat onheilspellend over. Als compensatie hiervoor dienden de hoge vrouwenstemmen, snelle snare drums en vrolijke synthesizerdeuntjes. Dat aan het eind van de set de Alpha nog overeind stond was niet de intentie van Flume, die naar Biddinghuizen kwam om 'de tent te slopen'. In figuurlijke zin slaagde hij daar wél ruimschoots in.

Eenmansband

De aanpak van Nicolaas Jaar, die tussen Flume en Mumford & Sons ingeprogrammeerd stond in de Bravo, leek sterk op dat van eerstgenoemde. Ook Jaar is een eenmansband, maar wel een met een volkomen ander resultaat. Deze New Yorker bracht een ambient en techno bij elkaar, een mengelmoes die vooral de doorgewinterde liefhebber van electronische muziek kon bekoren. In zijn set geen effectbejag met diepe bassen of vervaarlijk rollende snare. De muziek bestond uit complexe en uitgedachte composities, die Jaar hij in alle rust, laag voor laag, opbouwde. Het geluidspallet bevatte naast synthesizers en drumcomputers zelfs een saxofoon, waarop hij liet horen uiterst bedreven te zijn.