411056
Vrij

<p><em>Natuurbeschermer wil wereld verbeteren met kunst</em></p>

Haai opgebouwd uit vishaken

Amsterdam - Als duikinstructeur in Mozambique en als manager van een broedgebied voor neushoorns in het Zuid-Afrikaanse Marakele National Park zag Vincent Mock met eigen ogen hoe de hebzucht van de mens de natuur ernstige schade toebrengt.

Zijn grote zorgen hierover zet hij nu om in sculpturen van bedreigde diersoorten, zoals haaien en zeeschildpadden. „Ik hoop met mijn kunst deel uit te maken van een revolutie.”

Zijn activistische werk is niet onopgemerkt gebleven. De Amsterdamse kunstenaar en natuurbeschermer is bekroond met de kunstprijs van de Van Vlissingen Art Foundation, een initiatief van de succesvolle ondernemersfamilie Fentener van Vlissingen. Een selectie van zijn werk is van 20 tot en met 22 mei bij wijze van pop-up expositie in het Scheveningse Museum Beelden aan Zee te zien. Daarnaast verschijnt er een boek over zijn werk, met de titel Vincent Mock op de Kaap.

„En dan te bedenken dat ik nooit kunstenaar durfde te worden”, zegt hij lachend. „Ik was bang dat ik het niet zou redden en dat ik altijd maar in mijn uppie op het spreekwoordelijke zolderkamertje zou blijven zitten.”

Hij koos aanvankelijk dan ook voor een totaal ander carrièrepad. „Ik heb eerst een marketingopleiding gedaan en daarna filosofie gestudeerd aan de Universiteit van Amsterdam. Maar na het derde jaar merkte ik dat ik daar geen plezier meer in had. Omdat ik altijd al geobsedeerd ben geweest door de natuur, besloot ik naar Afrika te vertrekken om daar in een wildpark een opleiding tot ranger te volgen.”

In Mozambique, waar hij als instructeur bij een duikschool ging werken, werd Mock betoverd door de rijkdom van de zee. „Het was een droombaan voor mij. Ik zag er vrijwel dagelijks walvishaaien, zeeschildpadden en mantaroggen. Zo mooi. Maar ik ontdekte tot mijn spijt ook dat de oceanen vogelvrij zijn. Ze worden letterlijk door de mens leeggeroofd.”

„Buitenlandse investeerders steken veel geld in de infrastructuur van het arme Mozambique, maar daar willen die geldschieters natuurlijk wel iets voor terug. Zo krijgen zij massaal de kans visrechten te kopen. De Chinezen zijn vooral uit op haaienvinnen voor de bekende soep. Marinebiologen maken zich grote zorgen. Want als de haai met uitsterven wordt bedreigd, heeft dit onmiddellijk gevolgen voor de biodiversiteit in de zee.”

„Het gekke is, niemand houdt dit serieus in de gaten. De wildparken in Afrika worden redelijk goed beschermd, al is stroperij nog altijd een groot probleem. Maar er is geen controle op wat er daar in de oceaan gebeurt. Het water is net een cowboy-land: iedereen kan er doen en laten wat hij wil. Vreemd, zeker als je bedenkt dat wij als mensheid enorm afhankelijk zijn van de zee. Een groot deel van onze proteïne en bijna 70% van onze zuurstof op aarde komen uit de oceanen.”

Hoog tijd om het grote publiek bewust te maken van deze problemen, vond Mock, die pas de laatste zeven jaar zijn creativiteit durft aan te wenden om beelden te maken, waarmee hij hoopt de wereld te veranderen. Van grote vishaken, die gebruikt worden door tonijnvissers aan wiens lijnen ook haaien, albatrossen en schildpadden blijven hangen, creëert de Nederlander levensgrote beelden van de iconische zeedieren, die met uitsterven bedreigd worden.

Maar de idealistische kunstenaar heeft ook oog voor microscopisch klein plankton, waarvan hij – sterk uitvergroot – ook fraaie sculpturen maakt. „Dankzij een vriendin die als geoloog verbonden is aan de Universiteit van Fribourg in Zwitserland, kon ik gebruikmaken van een nano-CT-canner, waarmee ik 3D animaties van foraminifera kon maken.”

„Dat zijn autonoom levende koraaltjes, die kleiner zijn dan een zandkorrel en het basisvoedsel van de oceaan vormen”, legt Mock uit. „Door de hoge CO2-absorptie verzuren de oceanen. Hierdoor verbleekt dit soort plankton en dreigen hun kalkskeletjes als gevolg van de klimaatverandering op te lossen. Ook dit tragische verhaal, dat verstrekkende gevolgen voor het leefklimaat in de zeeën kan hebben, wil ik vertellen op een zo esthetisch mogelijke manier.”

Grote indruk maken tevens zijn grote hertengeweien (’geen zorgen, het gaat hier om afwerpstangen uit Limburg, voor de geweien zijn absoluut geen dieren gedood of verminkt’) waarop met duizenden kraaltjes een kleurrijk bloemenpatroon is aangebracht. Deze maakt Mock met hulp van de Huichol indianen uit Mexico.

„Ook hun cultuur en leefwereld wordt bedreigd”, weet de kunstenaar. „Door de oprukkende mijnbouw wordt het grondwater vervuild en verdwijnen hun peyote-velden. De sjamanen van deze indianenstam gebruiken deze cactussen voor hun hallucinerende werking. De stof mescaline die in de peyote zit, laat hen tijdens hun rituelen zich totaal één voelen met moeder natuur.”

Volgens Mock kunnen wij westerlingen veel leren van natuurvolken, zoals de Huichol. „Als wij ook wat meer in balans zouden leven met de natuur worden wij daar allemaal – mens en dier – beter van. Iedereen wordt nu eenmaal gelukkiger van een mooi bos of strand dan van het zoveelste parkeerterrein.”