Nieuws/Vrij

’Overspel met broer nooit vergeven’

Geen vrouw is veilig voor mijn broer Mark. Hij ziet er goed uit, is charmant en heeft een vlotte babbel. Zijn relaties duren nooit lang. Voor hem zijn vrouwen als speelgoed om het na een tijdje in een hoek te gooien.

Ik ben precies het tegenovergestelde; ik zoek geborgenheid. Al op mijn zestiende kreeg ik verkering met mijn klasgenote Irene. Ik merkte dat Mark haar ook leuk vond. Ze zei altijd: „Hij is wel een enorme flirt, hè?” Maar zij toonde geen enkele belangstelling voor hem. We trouwden en kregen kinderen.

Zo’n vijf jaar geleden zat Irene niet lekker in haar vel. Ze ging met tegenzin naar haar werk en ruziede met een goede vriendin. Ik nam bloemen voor haar mee en organiseerde romantische weekendjes. Ze leek ervan op te knappen. Toch moet Mark in die periode hebben toegeslagen.

Onze gezinslaptop kreeg kuren. Omdat ik in de IT werk, ging ik ermee aan de slag. Er bleek een virus in te zitten dat de boel in de war schopte. Omdat ik een paar belangrijke werkdocumenten miste, achterhaalde ik weggegooide e-mails. Tot mijn verbijstering stuitte ik daar op hartstochtelijke mails tussen Irene en Mark.

Op een avond dat Irene ’met vriendinnen’ op stap ging, volgde ik haar. De kinderen liet ik, slapend in bed, alleen thuis. Want ik wilde het zeker weten. Ze parkeerde bij een hotelletje waar ik een paar uur later Mark naar buiten zag komen. Ik had het bewijs.

In eerste instantie legde ik de schuld niet bij Irene. Ik dacht alleen: is ze er toch ingetrapt. Maar ik voelde me verschrikkelijk verraden door Mark. De vrouw van je broer: daar blijf je gewoon vanaf.

Moest ik Mark confronteren? Hem de voldoening geven dat ik wist dat hij Irene had veroverd? Het was een kwestie van tijd voordat hij haar zou dumpen. Afwachten maar. Aan scheiden dacht ik niet. Ik vond Irene eigenlijk een beetje zielig, het zoveelste slachtoffer van Marks onweerstaanbare charmes.

Na amper een half jaar trof ik Irene thuis steeds vaker met rode ogen van het huilen aan. Zij loog dat ze problemen op haar werk had. Een poosje zat ze met een burn-out thuis. Het was duidelijk: hun affaire was voorbij.

Tijdens familieaangelegenheden keurden Irene en Mark elkaar voortaan geen blik meer waardig. Voorheen praatte zij altijd gezellig met zijn laatste scharrel, nu bekijkt ze haar opvolgsters met jaloerse blikken. Ik klets met hem over koetjes en kalfjes, maar ik ga nooit meer met hem op stap. Altijd heb ik een smoesje klaar. Inmiddels heeft Mark dat best in de gaten. Ik heb niet de indruk dat hij zich schuldig voelt.

Vorig jaar besefte ik van de ene op de andere dag dat ik Irene nooit heb vergeven. Ik vertrouw haar niet meer en heb ongelooflijke spijt dat ik niet veel eerder de scheiding heb aangevraagd.

Toen begon ik iets moois met een collega. Ik ben niet bepaald discreet: ik werk steeds vaker over, laat aanwijzingen rondslingeren en vertel doorzichtige smoesjes. Het initiatief voor de scheiding ligt nu bij Irene die uit elkaar barst van achterdocht. Mark hoeft niet te denken dat ik vanwege hém van haar af wil.

In deze rubriek vertellen lezers waarvan ze

spijt hebben. Wilt u ook (anoniem) kwijt wat u anders zou hebben gedaan? Mail uw verhaal

naar vrij@telegraaf.nl.