Nieuws/Vrij

Spijt

’Had ik moeten waarschuwen?’

Aan haar ogen kon ik zien dat ze niet deugde. Noem het moederinstinct. De nieuwe vriendin van onze zoon dronk gezellig een kopje thee en ogenschijnlijk was er niets aan de hand. Maar mijn gevoel zei dat hij, en wij, heel wat met deze dame te stellen zouden krijgen.

Mijn zoon Ari vond geen vriendin belangrijk genoeg om aan ons voor te stellen. Toen kwam Doortje. Een lieve meid die hem misschien wat weinig tegengas gaf. Ze hadden ongeveer een jaar verkering toen zij zouden gaan samenwonen. Ik beschouwde haar eigenlijk al als mijn schoondochter. Maar opeens was de relatie verbroken. Het fijne weet ik er niet van, maar het was reuze jammer.

Daarna was Ari een tijdje vrijgezel. Totdat hij met Natasja kwam aanzetten. „Een blijvertje, mam!” zei hij enthousiast tegen me in de keuken. Ik dacht: dat zullen we nog weleens zien.

Waarom had ik meteen een afkeer van haar? Misschien de manier waarop ze ons eenvoudige interieur in zich opnam en haar wenkbrauwen optrok. Alsof ze dacht: hier valt niets te halen. Kon ik mee leven. Het was eerder hoe ze naar Ari keek: berekenend, niet half zo dolverliefd als hij.

Mijn man dacht er net zo over. Maar we zeiden niets. Je wilt je niet met het liefdesleven van je kinderen bemoeien. Ik hoopte vurig dat Ari genoeg van haar zou krijgen.

Intussen informeerde ik belangstellend naar haar werk, haar ouders, of complimenteerde haar met een outfit of nieuwe haarkleur. Natasja was al even beleefd, al kwam ze niet altijd mee naar een verjaardag of feest.

Tandenknarsend moest ik aanzien dat er toch een huwelijk van kwam. De bruidsjurk oogde peperduur, net als de locatie. „Ach, ze heeft nou eenmaal een dure smaak”, lachte Ari.

Ze begonnen samen een chique restaurant dat het al snel goed deed. We gingen er eten en ik ergerde me aan de plastic glimlach van Natasja. Alsof ze mij en mijn man alleen tolereerde. Maar omgekeerd was dat natuurlijk ook het geval.

De irritaties bleven altijd onuitgesproken. Maar na een aantal jaren zat Ari ongemakkelijk bij ons op de bank. „We komen een tijdje niet”, stotterde hij. „Natasja voelt zich niet welkom.” Ik kon moeilijk beweren dat ik dol op haar was. „Ik vertrouw haar gewoon niet”, zei ik ten slotte terwijl mijn man knikte.

Ari ontstak in woede. „Jullie denken toch niet dat je je kleinkinderen nog te zien krijgt?!” We waren uit het veld geslagen. Ze hadden inmiddels een dochter op wie we dol waren en de tweede was op komst.

Ondanks onze vele pogingen om de breuk te lijmen, wilde Ari jarenlang niets van ons weten. Totdat hij op een warme zomerdag opeens voor de deur stond, mét zijn dochters.

Terwijl mijn man in de tuin het zwembadje oppompte, vertelde Ari dat hij in scheiding lag. Natasja’s dure levensstijl was ze opgebroken. Zij had gesjoemeld met de financiën van het restaurant en had ook nog eens een affaire met een succesvolle zakenpartner.

Het had geen enkele zin om ’zie je nou wel’ te zeggen. Ik zou juist willen dat ik ongelijk had gekregen. Had ik hem al die jaren geleden nou maar meteen gewaarschuwd. Maar zou hij naar me hebben geluisterd?

In deze rubriek vertellen lezers waarvan ze spijt hebben. Wilt u ook (anoniem) kwijt wat u anders zou hebben gedaan? Mail uw verhaal, 550 woorden, naar vrij@telegraaf.nl