Nieuws/Vrouw
1294911246
Vrouw

Marjolein revalideert (slot)

Marjolein wacht op uitslag scan: ’Leven tussen hoop en vrees’

„Om me heen de andere wachtenden. Ik vind het altijd best relativerend, zo’n bezoek aan het Antoni van Leeuwenhoekziekenhuis.”

„Om me heen de andere wachtenden. Ik vind het altijd best relativerend, zo’n bezoek aan het Antoni van Leeuwenhoekziekenhuis.”

Het duurde en het duurde. Dertig minuten extra wachttijd werd drie kwartier en vervolgens een uur. Nou heeft een mens, in tijden van corona, toch weinig te doen, dus who cares? Wordfeud is geduldig. Maar dit keer zat ik te wachten op de uitslag van een scan. Dan wordt dat wachten toch iets meer beladen. En dan is ’iets’ een understatement.

„Om me heen de andere wachtenden. Ik vind het altijd best relativerend, zo’n bezoek aan het Antoni van Leeuwenhoekziekenhuis.”

„Om me heen de andere wachtenden. Ik vind het altijd best relativerend, zo’n bezoek aan het Antoni van Leeuwenhoekziekenhuis.”

Om me heen de andere wachtenden. Ik vind het altijd best relativerend, zo’n bezoek aan het Antoni van Leeuwenhoekziekenhuis. Thuis, op de bank, kun je soms het gevoel hebben dat je de enige bent die in zo’n benarde situatie verkeert. Maar dan zit je tussen al die andere mensen; sommigen jonger, sommigen ouder. En je weet dat je allemaal met hetzelfde zit: een foute celdeling en een leven tussen hoop en vrees.

Einde oefening

In de aanloop naar een scan, zet ik mijn leven stil. Er is een voor en een na (in dit geval:) 8 april. Mensen die me benaderen voor vergaderingen, afspraken of interviews, mails die nog beantwoord moeten worden, het staat allemaal in de wachtstand. Alsof ik verlamd ben. Ik kan me nog te goed die overvolle agenda herinneren van de laatste week in augustus 2019, toen ik tussendoor even naar de huisarts ging. Collega’s hebben liefdevol, maar geschrokken alles afgezegd of overgenomen, want van het ene moment op het andere leek het voor mij einde oefening. Ik zat middenin een reportage voor dierendag. Van de vier interviews had ik er twee gedaan. De laatste twee van mijn leven, dacht ik op dat moment.

Dat bleek uiteindelijk niet zo te zijn, maar de schrik zit er nog steeds goed in. Het kan zomaar ineens afgelopen zijn,. En dan zit je met die volle agenda. Maar niet alleen mentaal ben ik in zo’n week even van de wereld, ook fysiek loopt het ineens allemaal niet zo vlotjes. In de dagen voor zo’n ziekenhuisbezoek voel ik overal pijntjes, ik jas er dozen vol paracetamol doorheen tegen de knallende hoofdpijn en de man en ik ruziën ons door de dag, want hij is al net zo opgefokt en nerveus als ik. De lontjes zijn extreem kort. Zelfs de hond begint zenuwachtig te drentelen.

Een hartslag van 150

In principe zou ik hier nou iets moeten schrijven over mijn recente oefeningen bij de fysio, maar die zijn er dus niet. Al na tien minuten tijdens onze laatste afspraak, besloot therapeut Erwin mijn hartslag te meten. Die was 150. Ik zat op een kubus in de sportzaal en samen wachtten we op een wat behapzamer ritme. Dat kwam er niet. „Dat komt waarschijnlijk van de stress en het slechte slapen”, zei Erwin. „Ga maar lekker naar huis en laat me morgen weten hoe het is afgelopen.”

Rots in de branding

Aan alle mensen die vruchteloos op mijn reacties, berichtjes en antwoorden hebben gewacht, mijn oprechte excuses. De scan was goed, ik ben er weer. „Ik zie geen verschil met de vorige scan”, zei mijn rots in de branding longarts Willemijn Theelen. „Ook niet op het gebied van de longblaasjes. De longbeschadiging verslechtert niet, maar verbetert ook niet meer. Natuurlijk is er nog wel wat te winnen op het gebied van conditie en de lastige kortademigheid. Maar daar heb je de fysiotherapeut voor nodig. Het littekenweefsel is stug.”

Frikandel speciaal

Terug uit het ziekenhuis heb ik meteen als een idioot internet leeggekocht (niks spectaculairs, de boodschappenservice, want we hadden niet eens meer toiletpapier, verjaardagscadeaus voor schoonzoon en dochter, potten verf voor de balken; gewoon alles wat ik had uitgesteld). En daarna ben ik ingestort. Gesloopt op de bank, naast een slapende man en een snurkende hond die ook allebei uitgeteld waren. Ik had zelfs de puf niet om iets met de fantastische asperges te doen die bezorgd waren (de bijgeleverde fles wijn is wel leeg; dat dan weer wel). En toen kreeg ik, gek genoeg voor een culinair redacteur, ineens enorme zin in een frikandel speciaal. Als een stel kleuters zaten we uiteindelijk met het hele gezin aan de patat met. Ook nog eens voor de televisie, wat normaal gesproken net zo’n doodzonde is in mijn gezin als pannen op tafel in plaats van dekschalen (sorry, ik heb zo mijn afwijkingen).

Drie maanden garantie

Ik reken mezelf niet rijk. De garantie in mijn geval, is ongeveer drie maanden geldig. En daarna zien we verder. „Jouw type kanker heeft de nare neiging terug te komen”, zei mijn arts ooit. „Als dat gebeurt, is dat meestal binnen twee jaar.” Daar zijn inmiddels 20 maanden van om. Zou de stress minder worden na augustus 2021?

Hang in there!

Op social media lees ik hoe het Ruud de Wild vergaat, Linda Hakenboom, Chimène van Oosterhout, Léonie Sazias, Cilly Dartell… Mijn schoonzusje vertelt dat een vriendin van haar met borstkanker deze week is overleden, mijn nichtje over de tumor bij een kennis die stabiel is, maar niet weg. Ik denk aan de lotgenoten met wie ik contact heb, aan Twan, aan Mandy, aan Karlijn; hang in there jongens! Er zit alweer een beetje slag in mijn haar.

Laatste blog

Dit is de laatste blog over de revalidatie. Ik vermoed dat er op dat gebied weinig nieuws te melden valt de komende maanden. Vanaf volgende week gaan we het gewoon weer over eten hebben. Ik heb hier nog een kilo asperges liggen...

Maak jij iets bijzonders mee en wil je dat met ons delen?

Stuur dan een berichtje.