Vrouw/Columns & Opinie
1439759091
Columns & Opinie

Feuilleton - De Vechtscheiding

Deel 14: ’Hij heft zijn gezicht op naar haar... en dan zie ik wie het is’

Anouk en Bas lijken het helemaal voor elkaar te hebben: ze hebben een goedlopende zaak, een mooi huis en een leuke tweeling (14). Ze vormen het ’perfecte’ plaatje, totdat het noodlot toeslaat en Anouk en Bas plotseling lijnrecht tegenover elkaar staan. Ze delen wekelijks hun verhaal, vanuit beide kanten bekeken. Deze week: Bas.

Ik fiets gefrustreerd terug naar huis. Sara heeft me de deur gewezen omdat ik niet wegga bij Anouk. Ik kán nog niet weg bij Anouk, want we hebben de tweeling een overgangsperiode beloofd. Althans, dat heeft Anouk ze beloofd en ze heeft het zo gedraaid dat ik er niet meer onderuit kom. Ik woon waarschijnlijk tot na de zomer in het tuinhuisje.

En dat telt voor Sara niet als gescheiden. „Ik ben klaar met je loze beloftes. Als mensen gaan scheiden, gaan ze uit elkaar. Niet een beetje of half, maar helemaal.” Ik probeer nog met haar te praten en haar uit te leggen dat dit beter is voor de kinderen, maar ze houdt voet bij stuk: „Voor de kinderen is duidelijkheid ook beter. Zolang je dat niet geeft, blijft dit huis voor jou gesloten en hou ik deze benen bij elkaar.” Teleurgesteld druip ik af.

Hondenkraambed

Zoals altijd klaart mijn humeur weer op als ik thuis mijn Porsche zie staan. Wat is dat toch een groot genot. Ik neem me voor om morgen met de Porsche naar kantoor te gaan. Sara is gek op die auto en wij hebben samen een afspraak buiten de deur. Daar hoort gepast vervoer bij. In het voorbijgaan sla ik liefdevol op het dak. Op dat moment opent Jaliette, onze buurvrouw, haar deur: „De puppy’s zijn er,” zegt ze blij. „Wil je ze zien?”

Jaliette woont al jaren naast ons. Haar zoon is ongeveer net zo oud als onze Storm, ze zitten samen in een voetbalteam. Nieuwsgierig volg ik haar naar het hondenkraambed. Als ik neerkniel, reikt de buurvrouw mij een klein wit bolletje aan. „Mag ik een foto van haar maken?” Jaliette knikt en ik maak een selfie. Het kleine bolletje tegen mijn aangespannen biceps. Sara houdt van honden. Ik stuur haar en mijn dochter de foto. De eerste zwijgt, de ander reageert meteen: „Alsjeblieft pappie, mogen we die?”

„Ga je ze verkopen?” vraag ik aan Jaliette. „Ja, als ze groot genoeg zijn,” antwoordt ze. „Wil je er dan een?” Ik trek twijfelend mijn schouders op. „Anouk houdt niet van honden,” gaat ze verder: „Sinds ik wist dat Lizzy zwanger was, durfde ik haar niet meer onder ogen te komen. Ze vond een volwassen buurhond al niets. Laat staan puppy’s”. Meer reden om een hond te nemen heb ik niet nodig: „Ja, ik wil er een,” zeg ik.

Ziek

Ik word de volgende ochtend humeurig wakker. Daarna gaat alles mis. Sara heeft nog steeds niet op mijn hondenfoto gereageerd. En als ik in mijn auto stap, slaat de vislucht me tegemoet. Verdomme. Ik ga weer naar binnen voor de luchtverfrisser. Daar verraadt Lente bijna mijn voornemen een hond te kopen. Ik vlucht weg voor de nieuwsgierige blikken van Anouk. Ondanks de luchtverfrisser blijft de auto stinken. Eenmaal op het werk blijkt Sara ziekgemeld.

„Dat gaat lekker,” moppert mijn compagnon: „Anouk is al weken ziek en nu Sara ook nog.” Hij kijkt mij verwijtend aan. Ik haal mijn schouders op en probeer de presentatie te vinden die Sara zou geven. Nu zij er niet is, zal ik hem moeten geven. Dat gaat hopeloos mis. Terwijl ik het standaardverhaal over ons bedrijf afsteek, word ik onderbroken door de mogelijke opdrachtgever: „We hebben niet gevraagd om een standaardpresentatie van uw bedrijf, maar willen weten wat uw bedrijf kan doen voor een bedrijf als het onze.”

Op de weg naar buiten bots ik op tegen mijn grootste concurrent, de man die mij al vanaf mijn opleiding dwarszit. Hij slaat me joviaal op mijn schouders en ik weet nu al dat hij wel de juiste presentatie bij zich heeft. Ik verlang nog maar naar één ding: een borrel op mijn bed tot Anouk roept dat het eten op tafel staat.

Verrassing

Thuis wacht me echter de volgende verassing; mijn parkeerplaats is bezet door een grote Jaguar. Verdomme, wie is die patser die op mijn oprijlaan parkeert? Ik zet mijn auto, die nog steeds stinkt, aan de straat en loop terug. Nu kom ik van de andere kant, zodat ik meteen zicht heb op de keuken. Ik zie Anouk achter het fornuis. Storm staat bij haar en roert in de pannen. Een vertrouwd gezicht. Ze lachen. Hij draait zich om en loopt naar de tafel. Anouk leunt met een heup tegen het fornuis, half naar de tafel gedraaid kijkt ze naar Storm.

Nu ik dichterbij kom, zie ik dat hij daar niet alleen zit. Hij drukt armpje met een hele grote man. Anouk en Lente juichen ze toe. Storm biedt flink weerstand, maar uiteindelijk valt zijn arm. Als een vent steekt hij zijn arm uit voor felicitaties aan zijn tegenstander. Dan draait zijn tegenstander zich om naar Anouk, die strijkt over zijn bovenarmen. Hij heft zijn gezicht op naar haar en dan zie ik wie het is… Mijn broer.

De Vechtscheiding teruglezen?

Maak jij iets bijzonders mee en wil je dat met ons delen?

Stuur dan een berichtje.