Vrouw/Verhalen achter het nieuws
1674703250
Verhalen achter het nieuws

Verhalen achter het nieuws

Christa (54) kreeg de diagnose eierstokkanker: Volgens de artsen heb ik ‘geluk’ gehad

Christa Korenhof: „Ik vond het moeilijk als iemand begon te huilen als ik vertelde dat ik eierstokkanker had, dan dacht ik echt: wat moet ik hiermee?”

Christa Korenhof: „Ik vond het moeilijk als iemand begon te huilen als ik vertelde dat ik eierstokkanker had, dan dacht ik echt: wat moet ik hiermee?”

Een bolle buik, misselijk, moe en gewichtstoename. De vage klachten van Christa Korenhof (54) werden in 2019 in eerste instantie weggezet als stressgerelateerde klachten. Tot ze na een dag op een festival met spoed geopereerd moest worden: er bleek een cyste van vier kilo in haar buik te zitten. Twee weken later volgde de diagnose eierstokkanker

Christa Korenhof: „Ik vond het moeilijk als iemand begon te huilen als ik vertelde dat ik eierstokkanker had, dan dacht ik echt: wat moet ik hiermee?”

Christa Korenhof: „Ik vond het moeilijk als iemand begon te huilen als ik vertelde dat ik eierstokkanker had, dan dacht ik echt: wat moet ik hiermee?”

„Ik vind het bijzonder dat ik mijn verhaal kan vertellen, want eierstokkanker wordt niet voor niets ‘silent killer’ genoemd. Vijf jaar na de diagnose is slechts 38% van de vrouwen nog in leven. Mijn klachten begonnen vrij onschuldig en omdat ik een nieuwe baan had, dacht de huisarts dat het door de stress kwam dat ik me niet lekker voelde. Totdat ik op mijn werk ineens in mijn onderbuik een pijn voelde die ik nog niet eerder zo intens had gevoeld. Ik werkte in het ziekenhuis als verpleegkundige en besloot mijn werkdag af te maken. ’s Avonds was de pijn nog steeds niet weg, dus besloot ik naar de huisartsenpost in mijn woonplaats te gaan.

Onduidelijk

De dienstdoende huisarts dacht aan een blindedarmontsteking en stuurde mij door naar het ziekenhuis in de regio. Ze onderzochten mijn bloed en urine, maar niets wees op een ontsteking. Zonder pardon werd ik midden in de nacht weer naar huis gestuurd. Ik moest de volgende dag terugkomen als de pijn niet weg was.

Het zat me niet lekker, maar de volgende dag ging ik weer aan het werk. Daar legde ik het verhaal uit aan mijn collega’s en ook zij vonden het vreemd dat ze niet verder hadden gekeken. Ze drukten mij op het hart om naar de spoedeisende hulp van het ziekenhuis te gaan waar ik werkte. Zo gezegd, zo gedaan. Maar ook hier werd ik weggestuurd. Ze vonden dat ik terug moest gaan naar het ziekenhuis waar ik de avond daarvoor was geweest, vanaf mijn werk was dat twee uur rijden. Dat zag ik niet zitten met zoveel pijn. Uiteindelijk wist ik een zaalarts te overtuigen naar mijn buik te kijken. Hij vermoedde obstipatie en schreef daarom laxeermiddelen voor. Mijn gevoel zei wat anders, maar je wilt een arts graag geloven.

Onwel

De pijn kwam met vlagen en daarom besloot ik de volgende dag toch naar een festival te gaan met een vriendin. Uit voorzorg nam ik het laxeermiddel in, want ik wilde mijn dag niet verpesten door die nare buikpijn. Dat pakte niet goed uit; ik raakte onwel en belandde in het plaatselijke ziekenhuis. Daar maakten ze voor het eerst een echo van mijn buik.

Ze troffen en enorme cyste aan die vast zat aan mijn eierstok. De cyste van vier kilo draaide de eierstok om zijn as en stopte de bloedtoevoer, waardoor de eierstok was afgestorven. Ook drukte de cyste onder andere op mijn maag en lever. Dat verklaarde de pijn. Een spoedoperatie volgde. De cyste werd verwijderd, maar mijn eierstok was niet meer te redden. De artsen legden uit dat cysten meestal onschuldig zijn, dus ik was gerustgesteld. Ik moest het zes weken rustig aan doen en zou dan weer de oude zijn.

Slecht nieuws

Na twee weken werd ik gebeld met slecht nieuws. Ze hadden kanker gevonden in mijn verwijderde eierstok. Het was alsof ik mijn leven aan me voorbij zag schieten: was dit het dan? Ik was heel verdrietig, omdat er maar weinig mensen zijn die eierstokkanker overleven. Daarna stelde ik me heel praktisch in en hield ik me bezig met de vraag of ik wel verzekerd was voor een begrafenis en allemaal andere rompslomp die ik moest gaan regelen. Snel daarna volgde een nieuwe operatie en werd ook mijn andere eierstok verwijderd, net als m’n eileiders, lymfeklieren en vetschort.

Volgens de artsen heb ik ‘geluk’ gehad, omdat ze er redelijk vroeg bij waren. Uit een scan na de operatie bleek dat de kanker niet uitgezaaid was en dat ze alles hebben kunnen verwijderen. Hoe graag ik het ook wilde geloven, het lukte me niet. Ik zocht contact met een psycholoog om hiermee om te gaan. Aan gesprekken met lotgenoten bij Olijf, de patiëntenorganisatie voor vrouwen met gynaecologische kanker, heb ik ook veel gehad, want ik had een aantal dingen waar ik mee zat. Zo vond ik het heel moeilijk als iemand begon te huilen als ik vertelde dat ik eierstokkanker had. Dan dacht ik: wat moet ik hiermee?

Hoewel de kanker weg was na de operatie, heb ik na mijn operatie nog wel zes chemokuren gehad. Ik wilde er zeker van zijn dat het ook wegbleef, dus greep deze ‘kans’ dan ook aan. Ondanks dat ik me heel erg beroerd heb gevoeld, ben ik wel blij dat ik het ben ondergaan. In januari 2020 heb ik mijn laatste chemo gehad en sindsdien ga ik elke drie maanden op controle. Tot nu toe krijg ik steeds positieve uitslagen.

Herstel

Toen het lichamelijk weer beter met me ging, besloot ik andere prioriteiten te stellen. Zo bracht ik meer tijd met mijn zoons (27 en 25) door en beëindigde ik de prille relatie die ik had. Ik wil mijn tijd niet meer verspillen aan mannen die er niet serieus voor gaan. Het daten staat nu op een laag pitje. Ik moet ook eerlijk zeggen dat ik het moeilijk vind om mezelf bloot te geven, want ik heb een litteken van 20 centimeter op mijn buik. Wat ik ook lastig vind om te accepteren, is dat ik mijn oude conditie (nog) niet terug heb. Ik kan geen tien kilometer hardlopen, dat weigert mijn lichaam. Ik probeer me te focussen op dat wat ik wel kan, maar vind ik soms een behoorlijk ingewikkeld proces.

Inmiddels ben ik weer aan het werk, maar ga ik wel over naar een ander ziekenhuis iets dichterbij huis. Het kostte me niet alleen veel energie om twee uur reistijd per dag te hebben, maar ik besefte ook dat ik niet meer zoveel tijd in de auto wilde doorbrengen. Ik ga nu naar dagverpleging. Dat houdt in dat ik geen nachten, weekenden en feestdagen meer hoef te werken. Op het moment dat het weer iets beter met me ging heb ik me aangemeld als vrijwilliger bij Olijf. Het leek me fijn om mijn ervaring in te zetten voor vrouwen die worden getroffen door kanker en in onzekerheid leven. Als ik op die manier van betekenis kan zijn, is mijn ziekte niet voor niets geweest…”

Wil je ook in contact komen met lotgenoten? Neem dan een kijkje op olijf.nl.

Maak jij iets bijzonders mee en wil je dat met ons delen?

Stuur dan een berichtje.