Vrouw/Alles komt goed
1857984060
Alles komt goed

Alles komt goed

Deel 13: ’Met grote ogen staart mijn vriend me aan’

Renée Brouwer heeft vier kinderen. In juli 2018 verloor ze tijdens haar vakantie in Spanje haar ongeboren tweelingdochters waar ze later het boek Alles komt goed over schreef. Momenteel is ze zwanger van haar vijfde kindje en voor VROUW schrijft ze elke week over het verloop van haar huidige zwangerschap.

Nesteldrang

Zo. Ik heb me toch een nesteldrang. Nu al… Het is zondag 6 oktober en ik ben 24 weken zwanger. De afgelopen week heb ik de babykamer afgemaakt. Alle decoratie hangt, de bekleding die ik voor onze tweedehands Mozes-wieg heb laten maken zit keurig om het mandje heen en zelfs de houten wandkast die in twee grote dozen werd bezorgd, heb ik eigenhandig in elkaar gezet.

Mijn vriend laat het allemaal over zich heen komen. Hij weet inmiddels dat als ik iets in mijn hoofd heb, ik toch niet te stoppen ben. En zelf heeft hij volgens mij ook een beetje last van een opruim- en schoonmaakwoede. Zo is hij al dagen bezig met het uitmesten van de vliering en het up-to-date maken van de kledingkasten van de jongens. Heerlijk, je kunt mij niet blijer maken.

Of nou ja… Vandaag staat het witten van onze keuken op het programma. Aan die verkleurde muren erger ik me al maanden en ik wil gewoon alles spic en span hebben voor als de baby er straks is. Daarom heb ik mijn oude jeans aangetrokken - die ik niet meer helemaal dichtkrijg - en sta ik met dikke buik en kwast in mijn hand in de startblokken.

Zus

„Ga je dat helemaal alleen doen?” vraagt mijn zus die mij precies op dat moment belt en vraagt wat ik aan het doen ben. „Ja”, antwoord ik. „Waarom niet? Ik schilder al jaren als hobby meubels. Dan kan ik dit toch ook wel?” „Maar je bent zwanger…”

Ik lach. „Ja, dus? Ik ben toch niet invalide? En bovendien: we gaan het met z’n tweeën doen. Ik maak alvast een beginnetje en als hij klaar is, komt hij me ook helpen.” Blijkbaar is mijn zus gerustgesteld, want ze wenst me veel succes en zegt dat ze me niet langer gaat ophouden. Tevreden kijk ik naar onze afgeplakte keuken. Daar gaat-ie dan…

Helemaal wit

Drie uur later sta ik in opperste concentratie op de ladder met mijn neus zowat tegen het plafond boven de afzuigkap. Als ik nog even dat randje kan meenemen… „Zeg, is dit wel zo verstandig?” vraagt mijn vriend die vlak onder me staat. „Het is toch goed zo? Kom er maar weer af.” „Bijna” mompel ik als ik het laatste stuk wit schilder. „Oké. Klaar!”

Voorzichtig kom ik de trap weer af. Als ik mezelf in de spiegel zie, schiet ik in de lach: ik ben helemaal wit. Mijn haar, mijn armen, zelfs op mijn buik: overal zit witte verf. Maar het is het waard. De keukenmuren zijn weer heerlijk wit. „Nu de rest nog”, zeg ik trots. „De rest?” vraagt mijn vriend bezorgd.

Ik knik. „Ja, ik heb nog een stuk of zeven grote klussen op mijn lijstje staan. De aankomende twee maanden gaan we steeds alles lekker in het weekend aanpakken. Nu kan het nog.” Met grote ogen staart mijn vriend me aan. Vervolgens begint hij alles hoofdschuddend op te ruimen. „De rest…” hoor ik hem mompelen. „De aankomende twee maanden… God sta me bij.”

Meer weten over Renée? Volg haar op Instagram

Maak jij iets bijzonders mee en wil je dat met ons delen?

Stuur dan een berichtje.