Vrouw/Lezerscolumn
2033935056
Lezerscolumn

Lezerscolumn

’Overspannen ouders met kinderen in de noodopvang: soms frustreert het me’

Journalist Miloe van Beek combineert, net als vele anderen op dit moment, haar werk met het thuis lesgeven van haar kind. Weekenden kent ze niet meer, maar ze roeit met de riemen die ze heeft. Het frustreert haar dan ook dat ze in de nieuwsbrief van school moest lezen dat de noodopvang overvol zit. „Noodopvang is voor kinderen wier ouders écht onmisbaar zijn.”

„Mam, waarom heb jij geen vitaal beroep?’ Ik kijk op van mijn laptop naar mijn negenjarige dochter, die voor het raam staat. Het is twee uur ’s middags en haar school, aan de overkant van ons huis, is net uit. Ik loop naar haar toe en ben verbaasd als ik zie hoeveel kinderen er naar buiten komen. „Jij moet toch ook altijd werken?” Ze kijkt me een beetje bozig aan. „Nou”, zeg ik, „schrijven is voor mij wel vitaal, maar ik help er geen anderen mee. En ik ben zelfstandig, dus als ik niet werk, heb ik ook geen inkomsten.”

Kabouterhuizen van satéstokjes

Mijn dochter is nooit heel dol geweest op school. Want op school moet je dingen en ze houdt niet van moeten. Ze houdt van zelf dingen bedenken. Kabouterhuizen bouwen van satéstokjes. Armbandjes knopen van draadjes. Ballonnen vullen met bloem en er dan heel vaak in knijpen.

Nu ze voor de tweede keer eindeloos thuiszit met een moeder die liever schrijft dan juf is en een vader die van de ene meeting naar de andere holt, kijkt ze dagelijks verlangend naar de overkant van de straat. Want ze wil niks liever dan weer naar school. Kletsen met vriendinnen, buiten spelen, verhaaltjes en sommen oefenen met leeftijdsgenoten in plaats van alleen achter een computer, aan de juf in plaats van aan haar moeder vragen of chauffeur inderdaad een chefwoord is.

Het concept weekend?

Net als veel andere ouders heb ik amper vrij gehad in de kerstvakantie en ken ik het concept weekend niet meer. Soms frustreert het me als ik hoor over overspannen ouders die hun kinderen naar de noodopvang brengen. Dat kantoormedewerkers van een zuivelproducent wel een vitale functie hebben. Soms denk ik: ik bel de school, ik vertel wat de neuroloog in december tegen me zei. Dat de anti-epilepsiemedicatie die ik sinds een jaar slik kan zorgen voor meer moeite met het verwerken van prikkels. Dat het me soms, of best vaak, te veel is, ik boos word en me daarna schuldig voel naar mijn dochter en tiener. Of ze daarom toch soms een dagje mag komen.

In de wekelijkse nieuwsbrief van school las ik dat er nu veel meer kinderen in de noodopvang zitten. Het online en fysiek lesgeven combineren vraagt veel van leerkrachten. Ook deze eindeloze tweede (of is het al de derde?) golf moeten we samen doorkomen. Noodopvang is voor kwetsbare kinderen, voor kinderen wier ouders echt onmisbaar zijn omdat ze andere kinderen lesgeven, omdat ze in de zorg werken, omdat ze op straat zorgen voor de veiligheid, voor de bevoorrading in de supermarkt.

En dus zet ik mijn wekker om zes uur. Vraag mijn man meer uren te blokken in zijn agenda. Maak afspraken met de moeder van een vriendinnetje. Ik kan achter niemands voordeur kijken, maar toch hoop ik dat zoveel mogelijk ouders zoeken naar mogelijkheden om deze crisis zelf op te vangen. Zodat we straks als de scholen opengaan geen overspannen leraren hebben.

Maak jij iets bijzonders mee en wil je dat met ons delen?

Stuur dan een berichtje.