Vrouw/Columns & Opinie
2116348122
Columns & Opinie

Ik word papa

Deel 18: ’Wij zouden nooit zo’n ANWB-stel worden’

Kamran (36) en zijn vrouw (32) verwachten eind juli hun eerste kind. Hij is nieuwschef bij De Telegraaf, zij werkt op het hoofdkantoor van een winkelketen. Voor Kamran gaat als toekomstig vader een wereld open. Wekelijks schrijft hij over hetgeen hem verbaast en verrast. Deel 18: 29 weken.

Het moet op een zondagochtend zijn geweest. Toen m’n vrouw aangekleed in de woonkamer stond, vlak voordat we naar vrienden gingen. We droegen praktisch hetzelfde zonder dat we dat van elkaar wisten. Even later zag ik dat ze zich had omgekleed. Het mocht duidelijk zijn: wij zouden nooit zo’n ANWB-stel worden dat in dezelfde jas een boswandeling maakte. Net als dat we ook nooit lid zouden worden van de Consumentenbond. Reviews van anderen staan op internet legio, waarom dan een abonnement afsluiten om te zien hoe deskundigen de test hebben beleefd? Nee, dat zou niet gaan gebeuren.

Rollator

Maar een zwangerschap verandert veel, zo niet alles. Dat cliché blijkt, hoe graag ik het ook zou willen ontkennen, waar. Het gebeurde vorige week. Op donderdagavond, zo rond de klok van 21 uur. Er kwam abrupt een einde aan ’dat ga ik nooit doen’: ik werd lid van de Consumentenbond. Weliswaar met de intentie om zeven dagen gebruik te maken van het gratis abonnement en dan voor die tijd het lidmaatschap op te zeggen, maar toch: lid is lid. Waarom ik uiteindelijk op aanmelden klikte? Omdat die ene zin hardnekkig bleef resoneren: „Voor je babytje wil je natuurlijk het beste.”

We zijn immers begonnen met de zoektocht naar een rollator waar een wiegje op past. Dat is in ieder geval wat ik in iedere kinderwagen zie. Het was me eerder op straat nooit zo opgevallen. Ook toen ik vorige zomer een aantal keer met m’n neefje ging wandelen en daardoor uren de wagen vooruit duwde, had ik het niet in de gaten. Maar als je online het zijaanzicht ziet, denk je ’rollator’. En dan eentje waarvoor je diep in de buidel moet tasten.

Drie nullen

Ergonomie, gebruiksgemak, de boodschappenmand. Het wassen van de bekleding. Gebruik van autostoeltje en reiswieg. Alles is getest. De cijfers beginnen me na een kwartier al te duizelen: een 10 voor het instellen van de rugleuning, een 4,8 voor het plaatsen van de kind in de wagen. Wat is belangrijker? Hoe weeg je dit af? Wordt het de Bugaboo, de Joolz of de Mutsy?

En dan is er ook nog dat ene cijfer waar een teken voor staat. Het euroteken wel te verstaan. Bij één van de bekende merken zie ik een bedrag met drie nullen! Zou deze wagen zich uit zichzelf elektrisch gedreven vooruitbewegen? Dat moet haast wel voor zo’n astronomisch bedrag. We hebben het hier over een kinderwagen! Dan hoor ik die ene zin weer. „Voor je babytje wil je natuurlijk het beste.” Veel van de duurste zijn ook het beste uit de test gekomen. Tsja...

Proef rijden

We laten het even rusten. Er is nog niets aangeschaft. In de aankomende weken eerst maar eens een babywinkel bezoeken om proef te rijden. Ja, op de Negenmaandenbeurs kon dat ook, maar die kwam achteraf gewoon te vroeg. En dat ene merk waarover ik door de gemotiveerde verkoper licht enthousiast werd, blijkt een gammel ding te zijn.

Proef rijden dus maar. En eens even extra goed opletten welke kinderwagens anderen hebben. Daarmee ben ik vast begonnen. Het eerste wat ik dit weekend riep toen mijn zusje een foto van mijn stralende neefje stuurde, was: „Hé, ze hebben inderdaad een Bugaboo!”. Naast me schoot iemand vol in de lach. „Zijn dit daadwerkelijk de gesprekken die we vanaf nu hebben? Haha!” Ik moet ook lachen terwijl ik naast me kijk. Gelukkig dragen we nog altijd niet dezelfde jas.

Maak jij iets bijzonders mee en wil je dat met ons delen?

Stuur dan een berichtje.