Vrouw/Columns & Opinie
2133125006
Columns & Opinie

Ik word papa

Deel 24 - ’En daarom ga ik geen gebruikmaken van het vaderschapsverlof’

Kamran (36) en zijn vrouw (32) verwachten eind juli hun eerste kind. Hij is nieuwschef bij De Telegraaf, zij werkt op het hoofdkantoor van een winkelketen. Voor Kamran gaat als toekomstig vader een wereld open. Wekelijks schrijft hij over hetgeen hem verbaast en verrast. Deel 24: 35 weken.

Vanaf het moment van publicatie van deze column moet de baby zeker nog 28 uur blijven zwemmen in het vruchtwater. Het is om allerlei redenen het beste, de uitgerekende datum is immers pas eind juli en ik heb tijdens de voorlichting goed opgelet: pas bij week 37 is de baby voldragen.

Maar er is een andere reden. Over 28 uur is het 1 juli. En dit jaar gebeurt er iets bijzonders bij het inluiden van de zevende maand. De eerste juli van 2020 zal de geschiedenisboeken ingaan als de dag dat vaders - en laat ik inclusief zijn: partners - een kardinale stap zetten richting gelijkwaardigheid. Erkenning waar zo hard voor gevochten is. Het Malieveld stroomde telkenmale… Ik draaf door. Dat was niet het geval. Maar de WIEG is een verworvenheid.

Kraamtranen

De WIEG? Ja, iemand bij Rijksoverheid moet een vrolijke dag gehad hebben om de wet zo te dopen: Wet Invoering Extra Geboorteverlof, kortom WIEG. Vanaf woensdag hebben partners recht op ’maximaal vijf weken extra verlof tegen 70% van het (maximum) dagloon’, uitgekeerd via het UWV en op te nemen binnen zes maanden na de geboorte van het kind. Dit komt boven het al bestaande geboorteverlof van één volledige week dat voor rekening van de werkgever is.

Uiteraard ga ook ik van die week gebruik maken. Om die eerste bijzondere dagen samen te zijn, met z’n drietjes. Om te knuffelen met de baby. Om bij mijn vrouw te zijn wanneer de ’kraamtranen’ vloeien. En, heel praktisch, om aangifte te doen bij de burgerlijke stand.

Verlofregeling

Maar van de WIEG ga ik geen gebruik maken. Ondankbaar? Slechte vader? Ik heb er over nagedacht en ben weloverwogen tot deze conclusie gekomen. Het ging al mis bij de aankondiging van de wet. „Een goed begin is het halve werk”, stelde verantwoordelijk minister Wouter Koolmees. „Als je vanaf het begin al de taken thuis verdeelt, kun je daar later de vruchten van plukken.”

Was daarom de wet nodig? De taken kunnen ook heel goed worden verdeeld zonder verlofregeling. Ik heb het even nagevraagd, maar bij ons thuis gaat dat tot nu toe best goed. Bovendien werk ik op papier maar 38 uur per week. Van de 168 uren die een week telt. Ik begrijp dat kersverse papa’s en mama’s weinig uren slapen. Na een simpel rekensommetje houd ik nog zeker nog 90 uren over. Dat is meer dan de helft van de week om de taken eerlijk te verdelen!

Vaccinaties

De teksten die de overheid sindsdien hierover communiceert, staan me ook tegen. Waar de teksten over bijvoorbeeld vaccinaties met de grootst mogelijke neutraliteit worden gedeeld - want het moet toch echt de keuze van ouders zelf zijn of ze wel of niet voor de levensreddende prikken kiezen - is het in dit geval sprake van vooringenomenheid en sturing. „Deze regeling zorgt ervoor dat partners extra tijd krijgen om te wennen aan hun nieuwe leven met een baby. Een betere start voor het hele gezin dus!” Met uitroepteken.

Hoezo ’betere start’? Mag ik dat lekker zelf bepalen? De staatstekst lijkt duidelijk geïnspireerd door verkopers van dure baby-benodigdheden: ’Je wil toch het beste voor je kind?’ Als ik nu niet voor de ’betere start’ ga, kies ik blijkbaar niet voor het beste voor mijn kind of gezin. Wat dat betreft had er net zo goed kunnen staan: ’Maak je hier geen gebruik van, dan ben je een slechte partner’.

Begin met bezuinigen

Deze ’betere start’ wordt een begin met bezuinigingen. Want niet het volledige salaris wordt doorbetaald, maar slechts 70 procent. Het ontvangen van een uitkering staat mij al tegen, ik ben opgevoed met de gedachte dat dat de laatste strohalm is.

De regeling is op zich riant maar niet in de fase die door iedereen wordt aangeduid als ’duur’. De babykamer, de kinderwagen, het autozitje. Straks de luiers. Zelfs als je een deel leent of tweedehands koopt, is deze periode duurder dan welke levensfase ook. En dan is het ook nog verstandig om vast een buffertje aan te leggen voor de kinderopvang. Niet bepaald een tijd om een deel van het salaris in te leveren voor een zogenaamd betere verdeling van de huishoudelijke taken.

En dan heb ik nog één laatste belangrijke reden om geen gebruik te maken van de papa-regeling: de loyaliteit aan mijn collega’s. In politieke termen ook wel de zo bewierookte solidariteit. Het zwangerschapsverlof van een vrouw duurt 16 weken en wordt reeds maanden van tevoren aangekondigd. Alle tijd om vervanging te regelen dus.

Collega’s

Maar voor deze vijf losse weken is dat anders. Want ze hoeven niet aaneengesloten te worden opgenomen. In de praktijk betekent dit dat mijn collega’s alle gaten moeten dichten. Bijvoorbeeld die aardige collega, die twee maanden geleden vader is geworden. „Sorry, dat heb je verkeerd gepland, maat. Of je even vier avonden achtereen kan werken en twee weekenden achter elkaar want ik heb gekozen voor een ’betere start’.” Nee, dat doe ik hen en mezelf niet aan. En als er dan toch een dagje is waarop ik graag wil thuisblijven, pas ik voor de betutteling en kijk ik lief naar diezelfde collega’s. „Ah toe, één extra knuffeldagje…”

Maak jij iets bijzonders mee en wil je dat met ons delen?

Stuur dan een berichtje.