Nieuws/Vrouw
258680288
Vrouw

Heeft dat wel zin: al die extra vitamine D-pillen slikken?

Hollandse Hoogte

Hollandse Hoogte

Lange, donkere dagen, weinig tot geen zonlicht, vermoeidheid. Uit automatisme grijp je tijdens de lange winterdagen dan maar naar de vitamine D-pillen. Maar... werken die eigenlijk wel? Hoe zit het nu écht met vitamine-D pillen? Voedingswetenschappers Liesbeth Smit en Astrid Postma-Smeets leggen uit.

Hollandse Hoogte

Hollandse Hoogte

Weerstand

Maar wat doet vitamine D eigenlijk voor je weerstand? ‘Er is geen hard bewijs dat vitamine D-pillen echt zorgen voor meer weerstand, maar het is wel belangrijk om het te slikken’, aldus Liesbeth.

Astrid voegt toe: ‘Je hebt vitamine D nodig om je afweersysteem te laten werken, maar dat betekent niet dat je minder kans hebt om verkouden te worden of griep te krijgen, als je deze vitaminepillen slikt.’

Hiervoor zorgt Vitamine D

Waar je vitamine D dan wel voor nodig hebt? ‘Je lichaam heeft vooral vitamine D nodig voor stevige botten en tanden. De vitamine D-pillen zorgen ervoor dat calcium en fosfor uit je eten goed wordt opgenomen in je lichaam. Het is ook belangrijk omdat je minder risico hebt op botontkalking als je ouder bent’, legt Astrid uit.

Krijg je te weinig vitamine-D binnen, dan loop je het risico op skeletafwijzing (rachitis) of botverweking (osteomalacie). Door extra vitamine D te slikken kun je dat risico verkleinen.

Wel extra pillen slikken

‘Kinderen, ouderen, zwangere vrouwen en mensen met een donkere huid hebben sowieso extra vitamine D nodig’, vertelt Liesbeth. ‘Voor kinderen is het nodig voor de groei, voor ouderen om botontkalking te voorkomen.’

Advies

‘Voor kinderen tot en met drie jaar is het goed om 10 microgram vitamine D te slikken’, adviseert Liesbeth. ‘Eigenlijk is 10 microgram voor de meeste mensen voldoende, tenzij je ouder bent dan 70. Dan kun je prima 20 microgram slikken’, aldus Astrid.

Liesbeth: ‘Ik adviseer altijd vitamine D-pillen te slikken in de winter, zeker als je tot een risicogroep behoort.’

Vis eten en naar buiten gaan

Een laatste advies van Astrid: ‘Zonlicht is de belangrijkste bron van vitamine D, probeer dus elke dag even naar buiten te gaan. Het liefst tussen elf uur ’s ochtends en drie uur ’s middags, dan is er de meeste zon. Ook is het belangrijk om op je eetpatroon te letten. Vitamine D zit onder andere in vette vis zoals haring, zalm en makreel en in halvarine en andere bakproducten.’

‘Als je het hele jaar flink wat vitamine D aanmaakt in de buitenlucht, vooral in de lente en zomer, dan bouw je een flinke buffer op voor de wintermaanden’, aldus Astrid.

UV-licht

En uh, die UV-lampen, werken die eigenlijk net zo goed als de zon? Beide voedingsdeskundigen zijn het erover eens: nee. Dus: de paden op, de lanen in!

Maak jij iets bijzonders mee en wil je dat met ons delen?

Stuur dan een berichtje.