Vrouw/Lezerscolumn
52721064
Lezerscolumn

Lezerscolumn

’Je hoeft je overgang niet te omarmen’

’De huisarts wekte niet de indruk dat hij mijn suggestie zou opvolgen.’

’De huisarts wekte niet de indruk dat hij mijn suggestie zou opvolgen.’

Dat vrouwen op den duur in de overgang komen, heeft ook Ziggy Klazes (56), dagvoorzitter, journalist en raadslid in Haarlem, aan den lijve ondervonden. Alleen ontdekte zij een middel dat helpt tegen overgangsklachten. Via een vriendin. Niet via de huisarts. Daarom wil ze het bestaan ervan van de daken schreeuwen, zodat andere vrouwen er ook weet van hebben.

’De huisarts wekte niet de indruk dat hij mijn suggestie zou opvolgen.’

’De huisarts wekte niet de indruk dat hij mijn suggestie zou opvolgen.’

„In het nieuws: vrouwen hebben last van de overgang. Ruim de helft heeft zelfs last van de overgang als ze aan het werk zijn. Heel summier wordt in het nieuwsitem verklapt dat er een middel is dat helpt tegen overgangsklachten. Dat middel is hormoonregulatie. Het helpt niet altijd, schijnt, maar het heeft mij een overtuigende duw over de spreekwoordelijke drempel gegeven.

Hormoonregulatie

Tot groot genoegen van mijzelf en mijn omgeving. De therapie bestaat uit een strip met pillen die je hormoonspiegel tijdens de overgang weer een beetje in balans brengt zodat je niet de hele tijd doodop, zwetend en wenend in de gordijnen hoeft te hangen.

Ik hoorde van het bestaan ervan door een vriendin. Niet van mijn arts. Toen ik ernaar vroeg bij mijn huisarts viel hij een beetje stil, vroeg vervolgens of ik ooit last had gehad van depressieve klachten en of ik wist dat de pillen een verhoogde kans op borstkanker veroorzaakten. Van 0,4 procent. Ik wist dat. Toch woog dit risico wat mij betreft niet op tegen de blinde paniek - fysiek en mentaal - veroorzaakt door de overgang. Dat zei ik hem. Hij leek niet onder de indruk.

Wat als mannen...

Uiteindelijk, na mijn gedram en gebruikmakend van de spiegelmethode (’dokter... wat als de overgang de man zou treffen - hij wordt somber, onrustig, dik, het zweet breekt hem op ongelukkige momenten uit en hij kan amper meer slapen - denkt u dan niet dat die pil automatisch verstrekt zou worden?’) kreeg ik mijn pillen.

Drie maanden mocht ik het proberen en al na een week liep ik weer huppelend over straat. Toen ik na drie maanden voor een controlegesprek werd opgeroepen was ik een opvliegersvrije ambassadeur. Ik pleitte bij mijn arts vurig voor pro-actieve informatie aan alle vrouwen die rond hun 45ste zijn praktijk zouden betreden. ’Iedere vrouw zou dit moeten weten’, riep ik. ’Vertel het ze, standaard, geef ze een optie’, riep ik.

’Ach vrouwtje’

Ik meende in de blik van mijn huisarts een zekere meewarigheid te bespeuren. ’Ach vrouwtje’ zag ik hem denken ’nog immer een tikkie hysterisch...’ Hij wekte niet de indruk dat hij mijn suggestie zou opvolgen. Dus ik mailde naar de landelijke vereniging van huisartsen. Met dezelfde suggestie. Ik heb nooit antwoord gekregen.

Dan maar even via dit kanaal: Wij gaan er zelf over. Er is een middel dat helpt. Het is aan ons of wij dat willen gebruiken. Je hoeft je overgang niet te ’omarmen’ om jezelf vervolgens een paar jaar volledig te verliezen. Mag wel, hoeft niet. Weet dat. Vraag ernaar bij je huisarts.”

Maak jij iets bijzonders mee en wil je dat met ons delen?

Stuur dan een berichtje.