Vrouw/Seks & Relaties
621210734
Seks & Relaties

Feuilleton

De vechtscheiding 126 - ’Het is niet om te lachen, ze bedondert ons weer’

„Dan zeggen we niets.”

„Dan zeggen we niets.”

Anouk en Bas lijken het helemaal voor elkaar te hebben: ze hebben een goedlopende zaak, een mooi huis en een leuke tweeling (16). Ze vormen het ’perfecte’ plaatje, totdat Anouk en Bas plotseling lijnrecht tegenover elkaar komen te staan. Ze delen wekelijks hun verhaal, vanuit beide kanten bekeken. Deze week: Bas.

„Dan zeggen we niets.”

„Dan zeggen we niets.”

Het gesprek op school over Storm verloopt moeizaam. „We hebben hem herhaaldelijk gewezen op de consequenties, maar hij is er niet harder van gaan werken”, zegt zijn mentor. „Het is hem net allemaal een inspanning te veel.”

„En nu”, vraag ik

„Hij heeft nog één kans. De proefwerkweek. Als hij dan zijn cruciale vakken zoals wiskunde nog op weet te halen, gaat hij over naar het eindexamenjaar.”

„Wat kunnen wij doen?”

„Zorgen dat hij de rust krijgt om te leren. Het is een lieve jongen, maar wel een dromer, gevoelig en snel afgeleid. Zorg voor zo min mogelijk prikkels.”

Rust

Een beetje aangeslagen lopen we daarna samen naar buiten. Deze hadden we niet zien aankomen. „Net nu het met Lente beter gaat, begint de ander weer”, mopper ik.

„Het zijn pubers”, zegt Anouk sussend. „Zie het als twee kinderen op de wip. Als de een omhoog gaat, gaat de ander naar beneden.”

Ik kijk haar lachend aan: „Zou fijn zijn als ze op een ander speeltoestel gaan zitten met wat meer balans, dan hebben wij af en toe ook rust. Gelukkig kan Lente hem helpen met wiskunde, want zij heeft net een ultrageavanceerde rekenmachine gekocht.”

Anouk knikt: „Heeft ze hem je trots laten zien”, vraagt ze.

„Zeker”, antwoord ik. „Ik heb hem tenslotte zelf betaald.”

„Nee hoor, ik heb hem betaald. Kijk maar.” Ze pakt haar telefoon en laat de appjes en tikkie van Lente zien.

„Das ook toevallig”, grinnik ik. „Die foto’s en tikkies heb ik ook.”

„Hè bah Bas. Dat is niet om te lachen. Ze bedondert ons weer.”

„Je hebt gelijk, maar ze zijn in ieder geval weer in balans.” Ondanks haar ontzetting moet Anouk toch lachen.

„Heb je nog nagedacht over Brussel”, ga ik verder.

Anouk knikt: „Ja, ik had besloten om mee te gaan, maar nu twijfel ik weer.”

„Hoezo?”

„Nou, je hoorde wat de mentor zei: Storm heeft rust nodig. Daarbij speelt Lente ons tegen elkaar uit. Is het nu dan wel het juiste moment om als twee ex-partners op reis te gaan?”

„Je bedoelt dat ze dan een weekend uit logeren moeten?”

„Ook”, beaamt Anouk. „En daarbij vind ik het verwarrend: hun ouders zijn uit elkaar, maar gaan wel samen op reis.”

„Zakenreis”, verbeter ik haar

„We kunnen het uitstellen tot na de proefwerkweek, zodat Storm thuis kan leren.”

Anouk knikt: „Maar het blijft verwarrend.”

„Dan zeggen we niets.”

Kantoor

„Kan ik je even spreken”, vraagt Kasper een paar dagen later. Ik volg hem naar zijn kantoor. Ik ben al lang niet meer in deze kamer geweest en kijk nieuwsgierig rond. Zijn voorganger, de vorige bewoner van deze kamer, had een uitbundige smaak: rode fluwelen gordijnen, kroonluchters, bloemen op het behang. Nu is alles strak en sober. Los van een paar foto’s in zijn kast. Ik pak de eerste op: Kasper en ik als peuter en baby bij mijn moeder op schoot. Er achter staat een soortgelijke foto van een paar jaar later met onze vader. Ik zit op zijn nek, Kasper staat ervoor. Ik had deze foto ook, tot Anouk ze in een boze bui in reepjes knipte. Het doet nog steeds pijn als ik daar aan denk. Dan valt mijn oog op een recente foto van de tweeling met Kasper en Anouk dollend op een strand. „Wanneer was dit”, vraag ik terwijl ik de foto omhoog hou.

„Oh, afgelopen zomer ergens”, zegt Kasper nonchalant „Ik vond het een leuke foto. Vind je het vervelend dat ik hem heb neergezet”, vraagt hij

„Nee”, mompel ik. Ik vind het niet vervelend, maar wel raar.

„Waarover wilde je me spreken”, ga ik verder.

„Ik had een vraag over deze offerte”, zegt Kasper. En hij houdt de offerte van Anouk omhoog. „Ik dacht dat je het alleen ging doen?”

„Hoe kom je daaraan? Die offerte hoort bij mijn portefeuille.”

„Dat doet er niet toe. Waarom gaat Anouk mee?”

„Omdat het voor het complete beeld goed zou zijn als een betrouwbare expert van buiten meekijkt.”

Kasper knikt „Eens, maar we kunnen Anouk niet een expert van buiten noemen.”

„Ze is wel een expert”, werp ik tegen

„Ja, maar niet ’van buiten’”

Ik kijk hem verbluft aan. Gaat hij me nou vertellen hoe ik mijn zaken moet regelen? „Anouk is de juiste voor de job”, verzeker ik hem.

„Ja, maar ze is kwetsbaar”, werpt Kasper tegen.

„Heus. We weten wat we doen. En het zou fijn zijn als je mij gewoon de zaken in mijn eigen portefeuille liet afhandelen.” Geïrriteerd loop ik weer naar mijn eigen kantoor. Het is leuk dat Kasper als geldschieter in de zaak zit, maar hij moet niet in mijn papieren neuzen. Ik sla de deur harder dicht dan nodig is. Dan pas zie ik dat er iemand aan mijn bureau zit te wachten. Sara. Ze schrikt op van de knallende deur en barst meteen in tranen uit.

Maak jij iets bijzonders mee en wil je dat met ons delen?

Stuur dan een berichtje.