Vrouw/Columns & Opinie
666267581
Columns & Opinie

Mariëlle voelt zich een oplichter: ’Het wordt steeds erger!’

„Gefeliciteerd, Mariëlle. Je bent genomineerd voor de beLOFte van het jaar!” Nadat ik heel beduusd een bedankje heb weten uit te brengen, haal ik de telefoon van mijn oor en kijk ik ongelovig naar het scherm. Waarom zou ik in gódsnaam kans moeten maken op de prijs voor aanstormend talent in het magazine mediavak?!

Niet lang nadat mijn hoofdredacteur Marieke een mail krijgt met de vraag of ze talentvolle jonge journalisten kent, popt ze op in mijn mailbox. Ze wil mij aanbevelen. En om mee te kunnen dingen naar de prijs, moet ik de organisatie zelf ook een mail sturen met daarin mijn ’uitzonderlijke prestaties’ van het afgelopen jaar. Als ik verder lees, schiet mijn hartslag omhoog en krijg ik spontaan klotsoksels.

Er staat: ’Talenten die voor de beLOFte ’21 in aanmerking komen zijn jonge, (super)talentvolle mensen die een waardevolle bijdrage leveren aan de ontwikkeling van de magazine mediabranche. Zij onderscheiden zich door de hoge kwaliteit van hun persoonlijke professionele vaardigheden en/of hun originele, creatieve en innovatieve ideeën.’

Geluk?

Ik kan een aardig stukkie tikken, maar laten we het niet groter maken dan het is. Ik vraag, luister en schrijf op wat ik hoor. Niet meer dan dat. En eigenlijk ben ik zelfs daar regelmatig behoorlijk onzeker over. Ben ik wel echt goed in wat ik doe? Of was ik toevallig op het juiste moment op de juiste plek en heb ik gewoon geluk gehad? Wat nou als ze er op een dag achter komen dat ik eigenlijk helemaal niets kan? Een prijs ontvangen voor iets wat ik in mijn schoot geworpen heb gekregen, voelt dus alles behalve rechtvaardig.

Toch besluit ik de organisatie te mailen - al is het maar om de mensen om mij heen te laten denken dat ik wél vertrouwen heb in mijn kunnen. Ergens voelt het veilig. Ze krijgen vast een hoop aanmeldingen binnen van mensen die meer talent hebben in hun pink dan ik in mijn hele lichaam, dus no way dat ze mij uitkiezen. Veel verder had ik er niet naast kunnen zitten. Ik luister ademloos hoe de stem aan de andere kant van de lijn mij vertelt dat ik en negen anderen voor de volgende ronde van de ’wedstrijd’ een pitch moeten voorbereiden. Je raadt het al: die pitch moet gaan over waarom ik die prijs denk te verdienen.

Pure paniek

Terwijl ik paniekerig voor me uitkijk en met twee handen mijn stuur vastgrijp (geen zorgen, ik stond stil), spreek ik mezelf moed in: ’Blijven ademen, you got this.’ Nog voor ik echt blij kan zijn met mijn nominatie, maak ik mezelf wijs dat er vast niet veel aanmeldingen waren en dat het prima is om laatste te worden. In gedachten ga ik in vogelvlucht door het afgelopen jaar en probeer ik koortsachtig te bedenken wat ik zal gaan presenteren. Heb ik wel écht bijzondere dingen gedaan?

Ik kan me niet anders herinneren dan dat ik deze onzekerheid in enige mate altijd al heb gehad. Maar de grap is: hoe meer ik bereik en hoe verder ik kom in mijn vak, hoe erger het wordt. Een tijd terug kwam ik op Instagram een post tegen over het imposter syndrome (ook wel bedriegers- of oplichterssyndroom genoemd), ofwel: het onvermogen om eigen prestaties op waarde te schatten. Opeens vielen er een hoop puzzelstukjes op hun plek. Het imposter syndrome is geen officiële psychische stoornis en veel onderzoek is er ook niet naar gedaan, maar feit is dat een heleboel mensen (vooral vrouwen) zich in de symptomen herkennen.

Doorbreek de stilte

Die avond lig ik in bed te woelen en zoek ik naar tips en tricks om ermee om te gaan. Een van de eerste dingen die ik tegenkom, is om de stilte te doorbreken. Erover praten en erachter komen dat ik inderdaad niet de enige ben die zich zo voelt, zou iets van de spanning moeten doen verdwijnen. Dus, vertel… voel jij je ook weleens een oplichter? Oh, en denk aankomende dinsdag even aan me!”

Maak jij iets bijzonders mee en wil je dat met ons delen?

Stuur dan een berichtje.