Nieuws/Wat U Zegt
1201224595
Wat U Zegt

’Bijstand is niet bedoeld voor bezit van luxe goederen’

Uitslag Stelling: Begrip voor terugvordering

Bijna twee derde van de stellingdeelnemers vindt het terecht dat de gemeente Wijdemeren bij haar beslissing blijft om een vrouw met een bijstandsuitkering 7000 euro terug te laten betalen omdat haar moeder regelmatig de boodschappen betaalde.

Het verweer van de vrouw, was onder andere dat haar vaste lasten te hoog zijn. Die worden volgens de gemeente juist weer veroorzaakt doordat ze een auto en een motorfiets bezit, uit ’het duurdere segment’. Een opmerking: „Als je je met een bijstandsuitkering een auto en een motor kunt veroorloven, dan wil ik ook wel een bijstandsuitkering”. Een andere reactie: „Bijstand moet geen welstand worden”.

Een deelnemer vond het eerst niet terecht dat de vrouw de boodschappen moest terugbetalen. „Maar nu wel. Ik heb zelf een bijstandsuitkering en ik kan mij echt geen auto veroorloven. Laat staan een motor.”

Toch kiezen sommige respondenten de kant van de vrouw met de gulle moeder: „Bijstandstrekkers gaan toch ook naar de voedselbank, waar ze gratis eten krijgen? Ik zie het verschil niet met of je boodschappen van je moeder krijgt, of van de voedselbank”. Daarbij wijzen sommigen er ook op dat we de situatie van de dame in kwestie niet kennen. „Wie weet heeft ze die auto en motor nog uit een tijd dat ze heel hard heeft gewerkt en is ze door pech in de bijstand gekomen.” Iemand anders: „Waar bemoeien ze zich mee? Je mag als ouders je kind toch wel af en toe iets lekkers toestoppen?”

Driekwart van de respondenten vindt niet dat bijstandsgerechtigden auto’s en motoren zouden moeten bezitten. Ook vindt een meerderheid van de stemmers dat gemeenten zich best mogen bemoeien met het uitgavenpatroon van hun uitkeringstrekkers. Een ervaringsdeskundige reageert: „Ik heb in de bijstand gezeten, en je moet echt alles opgeven. Maar ik zag het echt als noodhulp en een situatie waar je zelf zo snel mogelijk moet zien uit te komen.”

Een krappe meerderheid is van mening dat de vrouw de gemeente niet had hoeven inlichten dat zij boodschappen ontving van haar moeder. Bijna alle respondenten denken dat het heel vaak voorkomt dat uitkeringstrekkers eten of spullen krijgen toegestopt. Iemand merkt op: „Het is normaal en menselijk om iemand die het minder goed heeft af en toe iets te geven.”

Veel deelnemers vinden wel dat uitkeringstrekkers er zich van bewust moeten zijn dat ze elke maand gemeenschapsgeld op hun rekening gestort krijgen en daar dus niet te lichtzinnig mee moeten omspringen. „Het is geld dat door anderen verdiend moet worden”, zo merkt iemand op.

De gemeente is door de rechter in het gelijk gesteld. Nu heeft de bijstandsontvangster hoger beroep aangetekend. Een meerderheid van de deelnemers denkt niet dat zij dit gaat winnen. Slechts een kwart denkt dat de gemeente de vordering van iets meer dan 7000 euro ooit gaat terugzien. Een deelnemer vindt wel dat de gemeente moet terugvorderen. „Hoewel je van een kale kip niet kunt plukken, moet ze wel op de blaren zitten.”

Bijna alle respondenten vinden het goed dat er streng wordt gecontroleerd op uitkeringsfraude. Iemand pleit voor ’streng en rechtvaardig’: „We leven in een land met een geweldig vangnet. Maar een uitkering is niet bedoeld om leuke dingen mee te doen.”