Nieuws/Wat U Zegt
1212028071
Wat U Zegt

Deelnemers: Weinig vertrouwen in acties voor Australië

Uitslag stelling: ’Stuur blushulp, geen geld’

Het rijke Australië kan de hulp voor slachtoffers van bosbranden zelf betalen. Dat vindt iets meer dan de helft van de stellingdeelnemers. Een bijna evengrote groep vindt wel dat blushulp op z’n plaats is. „Stuur brandweermannen in plaats van geld”, klinkt het.

Het Rode Kruis opende giro 5125 om geld in te zamelen voor Australië. Het geld zou onder meer nodig zijn voor het geven van psychosociale hulp aan de bewoners van Australië die getroffen zijn door de branden. Volgens 53 procent van de deelnemers is dit niet nodig. „De begroting van Australië laat een oplossing in eigen beheer toe”, luidt een reactie. „Er zijn zoveel arme landen waar jaarlijks natuurbranden zijn. Waar blijven de donaties daarvoor?”, vraagt iemand anders zich af.

Bijna evenveel deelnemers vinden echter dat ook een welvarend land in nood internationale steun verdient. „Een gebied ter grootte van Nederland is afgebrand, dan kun je wel hulp gebruiken, ongeacht je rijkdom.” Ook een ander toont empathie voor de Australiërs: „Veel mensen hebben alles verloren, dat gaat hun regering echt niet vergoeden.” En: „Mensen zijn hun huizen, vee en zoveel meer kwijtgeraakt. Het einde is nog niet in zicht en de vraag is of iedereen wel kan terugkeren naar zijn woonplaats.”

Volgens 40 procent kan Australië noodhulp dus wel gebruiken, maar is het beter om gespecialiseerde brandweermannen of spullen te sturen dan geld. „Geld hebben ze zat. Ze hebben meer aan brandweermannen.” Iemand voegt toe: „Stuur blusvliegtuigen en mankracht, geestelijke hulp kan Australië zelf wel regelen.” Het is echter wel wat laat voor deze blushulp, stelt men: „We hadden al lang brandweerlieden en blusmiddelen kunnen sturen.”

Driekwart zal zelf niets overmaken op giro 5125. Een derde geeft liever geld aan inzamelingsacties van bijvoorbeeld het Wereld Natuur Fonds, gericht op hulp voor door de brand getroffen dieren. „Stuur dierenartsen, maar stort niet, dat is onbetrouwbaar.” En enkeling meent: „Geld kan wel nodig zijn voor lokale opvang van dieren.”

Toch is er over het algemeen weinig vertrouwen in inzamelingsacties. „Al dat geld blijft op de plank liggen, aan de strijkstok hangen of wordt verkeerd besteed, denk aan het ‘tsunami-geld’ en de actie voor Haïti.” Maar stellen sommigen: „Je kan beter doneren aan Australië dan dat het geld in een bodemloze put als Afrika verdwijnt.” En: „Er wordt altijd maar geld ingezameld voor ’Verweggistan’, dan vind ik Australië toch betrouwbaarder dan Afrika.”

Er is ook wel kritiek op de Australische regering: „Een rijk land dat ondanks de al weken durende bosbranden, toch miljoenen de lucht inschiet met een vuurwerkshow en een leider die rustig op vakantie gaat, krijgt van mij geen euro.” Velen verafschuwen het klimaatbeleid van deze regering: „Al deze branden komen door jarenlange mismanagement van de Australische regering en door de klimaatontkenning.”

De oorzaak van de bosbranden ligt volgens bijna de helft van de deelnemers inderdaad bij klimaatverandering en slecht natuurbeheer. Zo stelt iemand: „Het natuurbeheer is niet goed. Er schijnen bomen te zijn waarvan bladeren niet (snel) verteren, alles blijft liggen en dat brandt snel. En brandstichting of achteloos omgaan met de natuur moet strenger bestraft worden.”