Nieuws/Wat U Zegt
1280949
Wat U Zegt

Stemmers: Den Haag moet buiten EU om onderhandelen

Uitslag Stelling: ’Overleg zelf met Londen’

Nederlandse visserijbelangen worden bedreigd door de Brexit. Britse vissers willen buitenlandse collega’s weren uit hun wateren. De meeste stellingdeelnemers (87%) willen dat Den Haag de belangen van onze vissers in Londen verdedigt.

Haring, tong, makreel en schol worden door Nederlandse vissers grotendeels gevangen in de wateren rond het Verenigd Koninkrijk. Door de dreigende toon vanuit Groot-Brittannië over het afschermen van de visvangst komt de vangst in gevaar en zijn de Nederlandse visbonden in alle staten. Het merendeel van de stemmers bij de Stelling van de Dag is visliefhebber en zal deze vissen missen op het bord als onze vissers hun netten niet meer mogen uit gooien in de Britse wateren. Deze groep ment ook dat de regering zelf actie moet ondernemen om de Nederlandse visserijsector in Londen onder de aandacht te brengen. De meesten zijn tegen EU-bemoeienis en laken het Brussels beleid. „Dit is de rekening voor het aggressieve gedrag van de EU. Ik hoop dat ze ervan leren in Brussel.” Bovendien wordt gedacht dat de Nederlandse visserijbelangen ondergeschikt worden gemaakt aan andere handelsbelangen.

De meerderheid geeft de SGP gelijk in hun standpunt over deze zaak. Deze partij, met een traditioneel sterke aanhang in vissersdorpen aan het IJsselmeer, stelt dat visserijbeleid helemaal niet thuishoort in de Europese Unie. De SGP wil dat landen die aan zee liggen met elkaar afspraken maken over wie waar mag vissen en hoeveel. „Nederland moet buiten Brussel om onderhandelen met het Verenigd Koninkrijk. Brussel hebben we niet nodig. Wel moet er met het Verenigd Koninkrijk afgesproken worden dat de visstand goed in de gaten gehouden dient te worden. Overbevissing is reëel.”

Velen snappen dat de Britten met hun rijke visgronden een goede troef in handen hebben bij de Brexit-onderhandelingen. Toch kan de meerderheid zich ook inleven in het standpunt van de Britse vissers. Meer dan de helft van de totale Nederlandse visvangst komt uit de Britse wateren. De stelling van Britse en Schotse vissers die beweren dat buitenlandse vissers hun vangst afpakken, wordt door zes op de tien stellingdeelnemers onderschreven. In feite komt het erop neer dat de Nederlanders respect moeten hebben voor de 200 mijlzone van Groot-Brittannië. Zo stelt iemand: „Zeerecht moet aangeven wie er binnen jouw territoriale wateren mag vissen.”

Door de Brexit kunnen de afgesproken visquota met Groot Brittannië niet meer gehandhaafd worden. Sommigen vrezen dat overbevissing straks reëel is. Maar velen denken dat de Britten zelf afspraken zullen maken over de visstand in hun wateren.

Onderhandelingen moeten onze vissers weer toegang geven tot deze visgronden. Slechts elf procent denkt dat dat het beste kan via de EU. Bij het overleg kunnen wel enige drukmiddelen worden gebruikt, maar economische sancties tegen Groot Brittannië zijn uit den boze, althans volgens de helft van de respondenten. De meesten denken dat dit visberaad lang en moeizaam zal zijn, temeer omdat de Britten zich altijd al erg onafhankelijk opstelden ten opzichte van het continent. Dat Groot Brittannië ook veel vis importeert zal aan deze houding niet veel veranderen, denken de meesten.

René van Zwieten