Nieuws/Wat U Zegt
1349938
Wat U Zegt

Meerderheid wijst initiatief van dominee Voorberg af

Uitslag stelling: Behoud dodenherdenking

De overgrote meerderheid van de stellingdeelnemers vindt dat op 4 mei geen dode vluchtelingen moeten worden herdacht. Op de dag van dodenherdenking moet worden stilgestaan bij alle gevallenen uit de Tweede Wereldoorlog, vinden de meesten.

Het initiatief van de activistische dominee Rikko Voorberg om met 3000 witte papieren kruizen op 4 mei op het Amsterdamse Rembrandtplein dode vluchtelingen te gedenken, krijgt weinig steun van de respondenten. „Er is een groot verschil met heldhaftige mensen uit de Tweede Wereldoorlog en mensen die omkomen omdat zij de oorlog ontvluchten”, stelt één van de tegenstanders. En een andere opposant valt bij: „De dodenherdenking is al genoeg gekaapt door ’vredesmissies’ en Marokkaanse vlaggen. Het is goed om stil te staan wat er kan gebeuren als een fascistische ideologie of intolerante religieuze doctrine de overhand krijgt”, laat een stellingvoorstander weten. De meesten menen dat er met Allerzielen op 2 november een goed alternatief is om migranten, die op weg naar Europa het leven lieten, te herdenken.

„In deze tijd waar het antisemitisme weer opspeelt moet deze dag een herdenking blijven specifiek voor slachtoffers uit WO II”, laat iemand stellig weten. En toch zijn velen het erover eens dat 4 mei een dag moet zijn voor bezinning waarbij alle oorlogsdoden in ogenschouw moet worden genomen. „Ook de slachtoffers die gevallen zijn bij het uitoefenen van Defensie-uitzendingen na de Tweede Wereldoorlog moeten op deze dag herdacht worden”, stelt een sympathisant van dit idee.

Herdenken moet sowieso, vindt menigeen. Het is goed om de boodschap door te geven dat oorlog afschuwelijk is, verklaart een deelnemer: „In de jaren zestig moesten mijn ouders me uitleggen hoe verschrikkelijk de oorlog was. Wist ik veel. Ook wij hebben onze kinderen uitgelegd dat er 70 jaar geleden iets ergs is gebeurd. Vele mensen hebben zich opgeofferd. Maar ja, oorlogen woeden nog steeds, en er zijn nieuwe slachtoffers, die we prima op 4 mei kunnen herdenken. Eigenlijk gebruiken we de twee minuten om te bidden dat we eindelijk een keer inzien dat we moeten stoppen met elkaar te haten en vermoorden. We hopen dat we het nog mogen meemaken dat we elkaar bestaan gunnen in plaats van elkaar te vermoorden.”

Sommigen roepen op dat de Tweede Wereldoorlog en de gevolgen ervan voor Nederland veel meer aandacht krijgt in het onderwijs. „Scholen moeten meer over die periode in hun lesprogramma opnemen. WO II is het heftigste ooit wat zich in onze buurt heeft afgespeeld en dat moet meer aandacht krijgen op school. Wij kregen een paar lesjes op het einde van het middelbare school. Schandalig!”

De meerderheid wijst een gezamenlijke ceremonie met de Duitsers op 4 mei af. Maar verrassend genoeg is toch een grote groep, zeker een kwart, wel voorstander ervan. En er zijn in het noorden van Duitsland enkele lokale ceremonies waarbij wel gezamenlijk wordt stilgestaan bij alle oorlogsslachtoffers. Zo schrijft een Puttenaar over de herdenking van de Razzia van Putten in 1944: „Op 1 oktober hebben wij in Putten een ceremonie, maar medio november is er in het Duitse Ladelund de ’Volkstauertag’, waarbij gezamenlijk doden worden herdacht.”