Nieuws/Wat U Zegt
1360495811
Wat U Zegt

Lezers: Niet de hele culture sector financieel helpen

Uitslag stelling: ’Festival heeft geen prioriteit’

Er moet geen extra geld worden vrijgemaakt om de cultuursector uit de nood te helpen,vindt een meerderheid van de stellingdeelnemers. „Kunst is geen eerste levensbehoefte”, klinkt het. Toch steunt de overheid de culturele sector met 300 miljoen euro.

Het culturele leven staat momenteel vrijwel stil door de coronacrisis. Culturele instellingen vragen daarom minister Ingrid van Engelshoven (Cultuur) om een overbruggingsfonds dat culturele instellingen, bedrijven en kunstenaars overeind moet houden. Volgens ruim de helft van de deelnemers moet er geen extra geld worden vrijgemaakt voor deze sector. „Cultuur is nu geen prioriteit”, reageert men. „Heel Nederland moet inleveren, kunst en cultuur dus ook”, klinkt het. „De gewone winkel om de hoek moet zich ook zien te redden.”

Deze groep ziet niet in waarom kunst en cultuur meer steun zouden krijgen terwijl de hele maatschappij getroffen is door de crisis. Velen die werkzaam zijn in de culturele branche kunnen bovendien nu al aanspraak maken op de regeling die voor iedereen geldt, zegt men. „Of artiesten zijn in loondienst, die krijgen voor 90% vergoed, of ze zijn zzp’er en vallen onder de zzp-regeling”, reageert iemand. „De culturele sector krijgt al veel subsidie die gewone ondernemers niet krijgen. Ze moeten het dus ook doen met de potjes die voor iedereen beschikbaar zijn.”

In een brandbrief naar de overheid wordt gevraagd om tijdelijke kwijtschelding van de huur die culturele instellingen aan gemeenten betalen. Ongeveer de helft vindt dit nog wel redelijk. Anderen menen dat ook hierin geen uitzondering gemaakt moet worden voor deze sector: „Willen zij huur bevriezen, dan moeten zij dit zelf regelen met hun huurbazen. Dit doet de horeca ook”. De culturele sector hoeft niet koste wat kost overeind gehouden te worden, meent 57 procent. „Prima om musea te steunen en een select aantal muziekgezelschappen, echter naar veel culturele clubs is amper vraag. Deze worden alleen in leven gehouden door subsidies.” Met de subsidieregelingen moet überhaupt selectiever worden omgegaan, stellen velen. „De cultuursector moet worden opgeschoond. Musea, toneel, klassieke muziek verdienen steun, maar alle festivals moeten uit de subsidiepot. Dat is puur vermaak. Cultuur steunen, vermaak niet.”

Sommigen denken dat het wel meevalt hoe zwaar de instellingen het hebben, omdat ze momenteel weinig kosten maken. „De artiesten, meestal zzp’s, hoeven ze niet te betalen en de tickets voor de voorstellingen zijn al lang betaald tot de zomer.” Culturele organisaties vrezen vooral voor verlies op lange termijn, onder meer omdat afstand houden op het toneel onmogelijk lijkt. „Theater, muziek en dans kan niet bestaan in een 1,5 meter-samenleving.”

Om de kosten enigszins op te vangen roepen poppodia, concertzalen, theaters en festivals mensen die al kaartjes hebben gekocht op om geen geld terug te vragen. Een derde vindt dat men deze kaartjes zou moeten doneren om de instelling te steunen. De waarde van cultuur wordt sterk onderschat, stelt deze groep. „Juist nu we op afstand leven is kunst van grote waarde om dichter tot elkaar te komen en isolatie draaglijk te maken”, zegt een liefhebber. „Muziek, dans en theater zijn nu belangrijk. Mensen genieten ervan als artiesten (via internet) gratis optreden.”