2675667
Wat U Zegt

Discussie is dood, lang leve de discussie!

We zijn klaar met Pietendiscussie, zeggen we massaal

1 / 2

AMSTERDAM - Zwarte Piet, wiedewiedewiet. De rechterhand van Sinterklaas is inderdaad flink te ’horen’ dezer dagen; op tv, op de radio, naast het koffiezetapparaat, op het schoolplein... Ieder jaar opnieuw is er de pietendiscussie – en die moet eens ophouden, vinden de Telegraaf-lezers, die vervolgens alle argumenten vóór Zwarte Piet op tafel gooien.

1 / 2

„Het hoort gewoon bij Nederland. Belachelijke discussie, echt. Een kinderfeest wordt ondermijnd door lui die het weer op racisme gooien”, schrijft Denny Hoog, die verlangt naar de tijd waarin ’bierkratten nog van hout waren en we door moesten zuipen om het vuur gaande te houden.”

Die hang naar nostalgie is veel lezers niet vreemd. Waarom waren er vroeger nooit problemen, terwijl een ’klein groepje activisten’ nu roet in het eten gooit, zo is de teneur. „In een democratie beslist de meerderheid en daar heeft de minderheid zich bij neer te leggen! Ruim 95% is voor Zwarte Piet”, schrijft iemand. Dus: de 5 procent moet z’n verlies nemen.

Overgrootvader boer, overgrootmoeder slavin

Weinig lezers zijn het eens met het slavernij-argument, inmiddels gemeengoed geworden, die luidt dat de ’oude’ Zwarte Piet met het kroeshaar en de rode lippen, en zijn dienende rol, doet denken aan het slavernijverleden. „Elk jaar schmink ik vele nationaliteiten tot één neutrale soort zwarte piet, die allemaal als doel hebben de kinderen blij maken!”, aldus M. Greveling in een reactie. „Eén groot feest van gelijkheid en gelijkgestemdheid.”

„Weten die kleintjes als ze zwarte piet zien: oja dat is een achterkleinkind van een slaaf? Natuurlijk niet”, aldus een ander.

Musicalster Nurlaila Karim schreef vandaag in De Kwestie: ’Mijn overgrootvader was de blanke eigenaar van een grote suikerrietplantage in Suriname. Mijn overgrootmoeder was daar slavin. In mijn familie komt ook de Friese achternaam Veldema voor. Dus in mijn dna zitten alle kampen.’

Karim vond Zwarte Piet vroeger geweldig. Van haar familie hoorde ze dat Sinterklaas ’de Moorse slavenkinderen had bevrijd en de Pieten werden niet alleen zijn knechten, maar ook zijn beste vrienden’. „En ik heb me in mijn jeugd nooit gestoord aan Zwarte Piet. Ik vond het een magische figuur, horend bij een magisch feest.”

Regenboogpiet?

Maar dat sommige mensen het pijnlijk vinden om Piet onderdanig te zien, snapt ze wel. „Ik denk dus dat het geen gek idee is die vrijgekochte Moorse slaven van toen de slavenkleding uit te doen. Ringen af en schmink weg. En dan vrije bruine, gele, regenboog-, witte en groene Pieten bij Sinterklaas in te zetten.”

Lezers waarderen haar verhaal, maar zijn sceptisch over de oplossing. „De boodschap van dit bericht: houd op met zeuren en geef een van de beide kampen precies wat zij willen, dan houdt het probleem op met bestaan. Ja, zo kan je wel ieder conflict in de wereld oplossen”, schrijft iemand. „Praten? accepteer tradities of ga weg uit dit land”, countert iemand. „Met dit verhaal wil de schrijfster aangeven dat ze het nooit een probleem had gevonden totdat er iemand anders over begon. Daar zegt ze alles mee. Het gaat over een paar gefrustreerde mensen.”

’Stop met praten’

Terwijl Simon Tahamata zich inmiddels - zittende naast Sylvana Simons - mengt in de discussie en stelt dat het gewoon een kinderfeest is, met een Zwarte Piet die gewoon zwart mag zijn, maakt de pietendiscussie ook bij Telegraaf-lezers nog steeds de tongen los - terwijl menigeen, ironisch genoeg, zegt dat de discussie weleens mag stoppen.

„Een kinderfeest word zo schandalig verpest”, aldus M. J. Van de Kerkhof. „Volgens mij zijn er wel andere problemen in de wereld waar deze mensen zich mee bezig moeten houden. Stop met dit belachelijke gedoe, en ga iets nuttigs doen.”

Ook publicist Ewald Engelen stelt voor om te stoppen met praten. Hij vindt de Zwarte Piet-discussie ’zonde van de zendtijd’. „Het is een groot afleidingstheater. Want het is natuurlijk van de zotte om te menen dat iedereen die eind november, begin december het gezicht van zoon- of dochterlief zwart schminkt, racist is. Net zoals het natuurlijk bezopen is om te ontkennen dat er in Nederland iets goed mis is als zwarten en migranten, samen met laagopgeleide witten, steevast aan de onderkant van de piramide terechtkomen.”

’Tijd voor klassenstrijd’

Volgens Engelen is het échte probleem de kloof tussen elite en burgers. „Wat mij betreft is het tijd voor ouderwetse klassenstrijd. Daar heeft iedereen wat aan: wit en zwart, man en vrouw, migrant en kaaskop. Maar dan moeten we ons niet door zoiets futiels als zwart geschminkte kindergezichtjes uit elkaar laten spelen”, schrijft hij.

Engelens kritiek op nieuwsmedia die te veel over Zwarte Piet schrijven, wordt aangegrepen om vooral Twan Huys een veeg uit de pan te geven, die in de discussie een ’handig verdienmodel’ zou zien. Toch zijn veel lezers het ook met Engelen oneens: de ’stammenstrijd’ is er in het westen helemaal niet, zeggen ze, en een kloof tussen hoog- en laagopgeleid is zo raar helemaal niet.

„Ja, er is een kloof tussen arm en rijk, tussen slim en dom, noem maar op. Die kloof is er altijd geweest en zal er ook altijd blijven, want mensen zijn nu eenmaal niet allemaal hetzelfde. Dat moet ook niet, want een maatschappij kan alleen maar bestaan bij de gratie van diversiteit. Wat moeten we als iedereen hetzelfde niveau heeft en hetzelfde denkt?”