397660
Wat U Zegt

Lezers: het is wachten tot bubbel in grote stad barst

Uitslag Stelling: ’Woning belachelijk duur’

Wie een huis wil kopen in de randstad, moet er snel bij zijn. Al zijn de prijzen huizenhoog, kopers laten zich niet afschrikken. Bijna driekwart van de stellingdeelnemers vreest een nieuwe zeepbel op de Nederlandse huizenmarkt.

Een respondent zegt: „Te gek voor woorden wat voor een ’stenen hok’ betaald wordt in met name het westen en de grote steden. Dit staat in geen enkele verhouding tot de werkelijke waarde en zal vroeger of later weer een grote groep kopers in de problemen brengen.”

Velen wijzen met de vinger naar de banken en grondspeculanten. „Zij sturen de markt. Je moet je eens afvragen wat kost een huis nu werkelijk en waarom is die grond zo duur.”

Toch is het volgens de overgrote meerderheid verstandig om nu een huis te kopen, wie het zich kan permitteren dan. „De lage rente maakt het interessant. Maar het moet wel verantwoord en goed overdacht zijn.”

Nu nemen huizenkopers door de gigantische krapte in een stad als Amsterdam soms onverantwoorde risico’s door boven de vraagprijs te bieden of een voorbehoud op financiëring te laten vallen. Ruim de helft van de stemmers vindt dat onbegrijpelijk.

Menig respondent vreest dat mensen vaak niet weten wat ze doen. „Ze betalen gewoon het maximumbedrag dat ze aan hypotheek kunnen krijgen. De brokken komen later”, zegt een van hen. Twee op de drie deelnemers denken dat die mensen straks in de problemen komen als de rente weer omhoog gaat.

De meesten vinden het een goede zaak dat het bedrag dat kopers maximaal mogen lenen ieder jaar minder wordt. Nu is dat nog 102% van de waarde van het huis, in 2018 is dat 100%. „Het is goed dat niet onbeperkt geleend kan worden. Toen wij ons eerste huis kochten, in 1968, konden we maar 70% lenen”, verklaart iemand.

Voor starters is het welhaast onmogelijk om een huis te kopen. Maar veel respondenten vinden dat ze minder (luxe) eisen moeten stellen en een paar jaar de broekriem moeten aanhalen „of de lat lager moeten leggen”.

Ruim de helft vindt wel dat er in steden meer betaalbare woningen gebouwd zouden moeten worden. „Door sloop en verkoop van sociale huurwoningen is een groot tekort ontstaan. Wat nu gebouwd wordt is vaak in het duurdere segment”, legt een respondent uit.

Een andere mogelijkheid voor mensen die een betaalbaar huis zoeken is om het buiten de steden te zoeken. In de achteraf gelegen delen van het land blijven de woonprijzen achter. De kloof stad-platteland wordt steeds groter.

„Maar daarin wijken we niet af van andere Europese landen”, aldus een respondent. „In Frankrijk bestaat al langer de kloof tussen het platteland en Parijs: voor de prijs van een appartementje in het centrum koop je een kasteel in afgelegen gebieden.”

Ruim 20 procent van de deelnemers ziet geen zeepbel en noemt de huizengekte vooral een randstadverhaal. „Buiten de steden is de situatie op de huizenmarkt gezond”, meent een van deze stemmers. „Het is gewoon een kwestie van keuzes maken en niet op de top lenen”, zegt hij.

Het is een vrije markt van vraag en aanbod, en daar komt uiteindelijk een huizenprijs uit, aldus de tegenstanders van de stelling. „Veel mensen willen in de grote stad wonen, dus daar schieten de prijzen omhoog. Johan Cruijff zou zeggen: ’das logisch’”.

Margo Stols