Nieuws/Wat U Zegt
400844
Wat U Zegt

’Val Srebrenica groot trauma voor veel veteranen’

Uitslag stelling: Twist over claim Dutchbat

Dutchbatters gaan ervan uit dat zij gecompenseerd worden voor de reputatieschade die zij hebben geleden door de tragedie in Srebrenica in 1995. De stellingdeelnemers zijn echter zeer verdeeld over een vergoeding voor de veteranen.

Er is zeker consensus over eerherstel voor Dutchbat. Maar bijna de helft (49 procent) van de respondenten is het oneens met een compensatie, terwijl vrijwel eenzelfde aantal (48 procent) positief staat tegenover een financiële regeling voor de veteranen.

Velen zijn te spreken over de speech van minister Hennis (Defensie) afgelopen weekeinde waarin zij de veteranen een hart onder riem stak en toegaf dat de missie van de Nederlandse militairen in Bosnië ’op voorhand onuitvoerbaar was’. Toch menen acht op de tien deelnemers dat Hennis bij monde van het kabinet wel rijkelijk laat komt met deze erkenning. Inmiddels is circa 21 jaar verstreken na het drama, waarbij 8000 Bosnische moslims de dood vonden.

De licht bewapende Dutchbatters konden de enclave Srebrenica niet beschermen tegen de oprukkende goed bewapende Serviërs onder leiding van generaal Mladic. Die veroverde de ’safe haven’ zonder slag of stoot. „Zij werden met een volledig onverantwoorde bewapening gestuurd”, klinkt alom door in de reacties. Hoewel de helft van de respondenten vindt dat de Nederlandse militairen niks konden uitvoeren, is zo’n 37 procent van mening dat de Dutchbatters gewoon hadden moeten vechten. Zo schrijft een stellingtegenstander: „Ze staken geen hand uit toen die moslimmannen werden weggevoerd. Zonder luchtsteun had Dutchbat ook deze mensen kunnen verdedigen, er is geen schot gelost. Laf, laf, laf...”

De meerderheid (84 procent) is het erover eens dat Dutchbat destijds is ’verraden’ door de bondgenoten. Door een geheime afspraak tussen de VS, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk werd de eerder beloofde luchtsteun aan het licht bewapende Dutchbat in Srebrenica niet verleend. Afgezien van de ontoereikende bewapening en het ontbreken van een duidelijk mandaat speelde mogelijk nog een factor een rol: de Nederlandse manschappen waren weliswaar beroeps, maar geen doorgewinterde vechtjassen. Een betrokkene die dichtbij deze soldaten stond, vertelt: „Ik was destijds in 1992 als dienstplichtige in Schaarsbergen betrokken bij de opleiding voor de Luchtmobiele Brigade. De mensen die naar Srebrenica zijn gestuurd waren over het algemeen nog jonger dan ik (toen 23), die met geen enkele levenservaring kozen voor het leger. Velen hadden de intentie om naar het voormalige Joegoslavië te gaan om mensen te beschermen. Ze vertrokken met te weinig materiaal en na terugkomst waren ze getekend voor het leven. Ik heb verschillende mensen nog weleens gesproken en ze hebben allen PTSS.”

Velen menen dat de inktzwarte bladzijde in de Nederlandse krijgsgeschiedenis grotendeels te wijten is aan de veroveringszucht van en etnische zuivering door de Serviërs. Maar ook de VN draagt schuld, alsmede de betrokken Nederlandse politici. Den Haag had kunnen weten dat de enclave moeilijk te verdedigen was. Veel landen wilden geen troepen stationeren in Srebrenica. Nederland heeft een ‘te grote broek’ aangetrokken om de missie in de enclave in te willen vullen, zegt 83 procent van de deelnemers.

René van Zwieten