Nieuws/Wat U Zegt
445822
Wat U Zegt

MEESTE LEZERS MIJDEN STICHTINGEN ALS LOTERIJVERLIES

Uitslag Stelling: Niet gaan zeuren achteraf

Driekwart van de lezers vindt massaclaims onbetrouwbaar. Dit naar aanleiding van een kort geding tussen de Staatsloterij en de Stichting Loterijverlies. De laatste zou inleg van de deelnemers over hebben gemaakt naar een belastingparadijs.

Iemand vindt dat niet zo gek. „Loterijverlies had meer dan vijf miljoen binnen.” De oprichters vroegen 10 miljoen voorschot van de Staatsloterij, omdat het geld op was maar vingen bot. „Je vraag je af waaraan dat dan is opgegaan.”

De stichting heeft het geld nodig om zich hard te maken voor deelnemers aan de Staatsloterij. Die had in het verleden verzuimd te melden dat ook niet verkochte loten meededen voor de jackpot. Een overgrote meerderheid vindt dat -samen met die stichting- ook misleiding.

De hoogste rechter stelde de Stichting Loterijverlies in het gelijk, maar veruit de meeste stemmers denken dat de kans dat Loterijverlies toch nog gaat winnen 'zeer klein' tot 'klein' is. „Je koopt een lot, dan moet je later niet zeuren dat je geen prijs krijgt”, zo schrijft een respondent. Anderen vinden ook dat loterijdeelnemers niet moeten piepen. „Als je nooit je verstand gebruikt en nooit de voorwaarden leest, dan moet je achteraf niet gaan klagen.”

De gedupeerde loterijdeelnemers eisen 300 miljoen van de Staatsloterij. Slechts een kwart van de respondenten vindt dat een reëel bedrag. De meeste stemmers denken dat de deelnemers in de stichting Loterijverlies erin zijn geluisd. Zij zien de oprichters als slimme zakenlui. „Er is totaal geen controle op wat er binnen die organisaties van massaclaims gebeurt. Het is dus simpel om met het geld aan de haal te gaan.”

In totaal zijn er bijna 200.000 Nederlanders die een gokje hadden gewaagd op de uitkomst van een rechtszaak tegen de Staatsloterij. Van de stemmers op de Stelling van de Dag heeft ruim tien procent deelgenomen in de stichting. „Voor die 35 euro waag ik wel een gokje. Meer kans om te winnen dan bij de Staatsloterij”, zo schrijft iemand. Driekwart zegt echter nooit aan zoiets te willen meedoen.

Er zijn ook andere claimstichtingen, bijvoorbeeld in zake de woekerpolis-affaire. De meesten hebben een akkoord gesloten met de verzekeraars. Er zijn echter partijen die nog doorprocederen. Maar een derde van de stemmers denkt dat dat zin heeft.

„Het is opboksen tegen grote bedrijven met dure advocaten. En tegen de tijd dat er iets uit komt, dan zijn we tien jaar verder”, schrijft een respondent. Iemand met een positieve ervaring: „Ik heb individueel geklaagd over Koersplan van Aegon, maar dat werkte niet. Via Koersplandewegkwijt kwam er na jaren procederen toch een vergoeding.”

Een lezer merkt op dat er een groot verschil is tussen de woekerpolisclaimers en de loterijverliezers. „Bij de woekerpolissen was er aantoonbaar iets mis. Maar bij de loterij is niet gezegd dat je toch had gewonnen als de niet verkochte loten niet hadden meegedaan.”

Als de Consumentenbond een massaclaim zou indienen, dan zouden de meeste respondenten wel meedoen. De Consumentenbond onderschrijft bijvoorbeeld een claimcode, die gedupeerden ervan weerhoudt voorafgaand aan een rechtszaak al geld te storten. Bijna alle stemmers vinden dat deze code meer bekendheid zou moeten krijgen. Iemand vindt dat de bond harder tegen claimstichtingen moet waarschuwen.