Wat U Zegt/De Kwestie
821208477
De Kwestie

De Kwestie: Game-tijd

’Luie ouders, dat is foute boel’

Ouders die vinden dat hun kinderen te veel en te lang computerspelletjes spelen, moeten dat zelf oplossen. Daar gaat de staat niet over, vinden de meeste deelnemers aan De Kwestie: het is hier China niet.

Staatsbemoeienis is al weinig gewenst, maar in dit geval helemaal niet welkom. „Dat is dictatuur”, zegt A_j_roeters. Ook Daan van Jarsemade is tegen overheidsingrijpen: „Kijk, als gezinnen zelf aan het gebruik van ’het digitale’ - ongeacht wat - geen limieten stellen, moet dan de overheid in gaan grijpen? Nee toch! Ouders, treed zelf eens op als opvoeders.” En Ahjb zegt: „De Chinese overheid heeft een beleid, daar moeten wij ver vanaf gaan staan. Deze vorm van dictatuur past niet in onze samenleving.”

Dat er door jongeren te veel wordt gegamed, is wel duidelijk voor de meesten. In China zijn er maatregelen in voorbereiding die ervoor moeten zorgen dat kinderen nog maar drie uur per week kunnen gamen. Dat zou nu zo’n drie uur per dag zijn. Freddyvankessel: „Heel veel ouders zouden blij zijn als hun kind maar drie uur per dag zou gamen...”

"Game-kinderen en luie ouders, dat is echt foute boel"

En toch ligt het vooral aan de ouders dat er zoveel tijd voor het scherm wordt doorgebracht. Brulboei: „Ook hier is het heel hard nodig de game-uren in te dammen. De tijden dat kinderen en jongvolwassenen achter een gameconsole zitten, zijn belachelijk hoog. Velen zijn er zelfs aan verslaafd. Dat is voor ouders erg makkelijk en het geeft ouders rust, na een werkweek, maar ik vind dat erg gemakzuchtig. Game-kinderen en luie ouders, dat is echt foute boel.”

Er is veel digitaal entertainment, dat is nu eenmaal deze tijd, zegt Ahjb: „Jongeren zitten inderdaad te veel met hun mobiel te spelen. Wij hadden tijdens onze jeugdtijd andere mogelijkheden en meestal op straat. Helaas is de straat in woonwijken een parkeerplaats voor auto’s geworden. Ieder gezin heeft een auto en soms meerdere, ook de auto van de zaak staat er. Dit maakt het onmogelijk om het spelen op straat te stimuleren of in stand te houden.”

Hebbedingetjes

Als iets eenmaal met de paplepel is ingegoten, komt je daar maar lastig van los, schrijft Appie59: „Kinderen wordt al vroeg geleerd met apparatuur om te gaan. Vanaf een jaar of zeven lopen ze al met een mobieltje of smartphone. Immers, het kind moet bereikbaar zijn voor de ouders. Je kunt als ouder wel een gamelimiet instellen, maar zodra het kind het huis verlaat, verlaat het ook de limiet. De enigste manier om dit tegen te gaan is afschaffen, en daarbij ook uw eigen gemak en hebbedingetjes de deur uit doen.”

En stuur uw kind naar buiten, besluit Ananacoco: „Hoe? Door uw kind lid te maken van allerlei clubjes en verenigingen buitenshuis. U kunt denken aan sportclubs, maar ook bijvoorbeeld aan een knutselclub. Vroeger had je de padvinderij. Bestaat die nog? Uw kind gaat dan om met andere kinderen. En bij sportclubs beweegt uw kind ook nog eens goed. Komt dan moe thuis. Heel gezond!”

De Kwestie: Game-tijdLees meer over dit thema en vind alle verhalen in een overzichtMeer lezen hierover